De kolenboer

Deze lieve kachel is afschuwelijk. Of het moet aan de schoorsteen liggen.

Het kost idioot veel moeite om hem aan de praat te krijgen: roken, uitgaan, veel te heet worden. Met hout is het onzeker of hij blijft branden, met kolen doet hij het ogenschijnlijk prima. Als hij het dan eindelijk doet, kun je de deur naar de kamer niet meer met goed fatsoen open of dicht doen, want dan blaast hij een grote wolk rook uit. De kolengeur doet me onmiddellijk denken aan de kolenmannen in Den Haag, die met beroete gezichten en zakken over hun schouders dwars door het huis naar het kolenhok op balkon liepen. Dat vonden wij, kinderen pas goed eng.
Als ik de kachel 5 minuten alleen laat na het aansteken, is hij zeker uit. Daarom blijf ik er maar bij en kijk af en toe uit het raam, dat open staat vanwege die enorme rookontwikkeling. Rechts staat het huis van de dichterlijke buren.

Maar soms doet hij het in een keer goed en dan stel ik de beslissing om hem eruit te gooien weer even uit. Hij geeft een verrukkelijke warmte. Hoewel, deze keer moet hij echt weg.