Dropplant


Met het mes (ipv de draad) op de d?©broussailleuse ben ik aan het laatste stuk van de ondoordringbare ellende begonnen. Na twee uur maaien heb ik het gevoel dat alles trilt. Het valt altijd een beetje tegen, dat zeisen, maar het voordeel van het mes boven de draad is dat lange slierten plant zich niet omwrikbaar om de kop slingeren en me dwingen de boel stop te zetten.
Nadeel is dat elke stok of steen levensgevaarlijk rondgeslingerd wordt. Verboden voor honden of kinderen: moeder maait!

Terugkomend van mijn werkje keek ik tevreden naar mijn dropplant: Agastache foeniculum, die het hier heerlijk vindt. Een beetje saaie plant verder, maar een grote vlindertrekker. De bloem of het blad ruikt nou niet meteen naar drop, maar toen ik het doosje open deed, waar ik de zaadjes in bewaar, kwam er een sterke muntdropgeur vrij.


He, hola, wat zit daar? Een chinees waaiertje met een hip motiefje. Het is volgens onze vlindergids de koningspage, zeldzaam ten noorden van de Alpen en alleen op beschutte plaatsen te vinden, m.a.w. onze tuin. Dat dacht die egel ook, dat hij een beschutte plaats had gevonden.