Ik wou dat ik dat hondje was

Verdomd als het waar niet is, laat een bouwvakker van een renovatieproject in de Montelbaanstraat dat vanochtend tegen me zeggen!
– Gefeliciteerd, zei ik, u bent de 3.0587.654ste die dat tegen me zegt! Een beetje flauw, ik geef het toe.
De man liet zich niet uit het veld slaan:
– Weet je wat daarmee bedoeld wordt?
– Ja, duh!
– En ben je daar nooit op ingegaan?
– Ik ben daar niet gek.
– De ware had er wel tussen kunnen zitten!
Inderdaad, kleine kans, maar het had gekund en een romantische bouwvakker ontmoeten, dat is op een druilerige dag ook wat waard.

Op de Nieuwmarkt kwam ik deze naakthonden tegen. Die kleine soort had ik al eens gezien, die grote ziet er verbijsterend uit. Ik wou helemaal niet dat ik die hond was of die hond hebben. Minder stofzuigen denkelijk.

One thought on “Ik wou dat ik dat hondje was”

  1. Ik laat Bo erg vroeg uit (even na 6-en) en dan begint het werkvolk aan de overkant net uit de busjes te rollen.
    Afgelopen vrijdag: Heeej mammieieiei!
    Ik: hij is je moeder niet.
    Antw.: Ik bedoel jououououou!!!
    Ik: ik ben je moeder ook niet. Want mijn kinderen zijn veel mooier.
    Veel gegrinnik van de anderen en de roepert houdt zunne bek.

    Maar het is vermoeiend, dat wel.

Comments are closed.