Cidre doux

Appels om te persen
Appels om te persen

Nu was ik er toch van overtuigd een echte weidechampignon gevonden te hebben. Toen ik hem aan Paul liet zien, twijfelde die.
– Vraag aan Paulette, zei hij.
Het was net na de middagmaaltijd, ik stak de weg over en trof de familie in de salon, kat op schoot. Neen, zij wisten het ook niet zeker. Het kon een ros?© de pr?© zijn, maar in ieder geval al te ver heen om nog lekker te zijn. Altijd hetzelfde verhaal. Wanneer vind ik nu toch eens een paddestoel zonder twijfel?

Het is kalvertijd en Paulette vertelde dat het nu bijna elke nacht raak was. De vaarsjes zijn in deze tijd het eerst aan de beurt, maar waarom de dieren juist ‘s nachts werpen, dat mocht Joost weten. C’est comme ??üa.
Ik bleef nog even hangen, toen ze met haar zoon de beesten ging verweiden.
– Blijf nou toch gezellig zitten, vroeg Germaine en bood me een kopje koffie aan, wat ik afsloeg. Ik durfde niet te zeggen dat wij nog moesten eten.
– Neem dan een glaasje cidre doux, zei Raymond.
Dat is in dit geval geen cider, maar net geperst appelsap. Zo heerlijk.

De afrikaantjes zijn bijna afgelopen
De afrikaantjes zijn bijna afgelopen

We keuvelden nog wat na, ik vertelde over de siamees (siamois) Napol?¬©on uit onze buurt, die verdwenen was en gestolen bleek te zijn door iemand uit Amsterdam-Zuid. Hoe ze daar achter waren gekomen, wist ik eigenlijk niet. We dachten al dat hij verdronken was of anderszins aan zijn eind gekomen. Ze moesten lachen om z’n naam.

Dahliaravage
Dahliaravage

Ik moest 200 tulpenbollen planten op de plek van de dahlia’s, zei ik. Dat vonden ze nogal veel, en dat lijkt ook zo, maar als ze eenmaal te voorschijn komen, vind ik het toch altijd weer te weinig. We zullen zien.

Morgen stook ik een fik.