Category Archives: Frankrijk

Maniakken

Tuinpad richting buurman
“Moet je niet eens maaien, buurvrouw?”
“Het is gemaaid, buurman.

In het begin van mijn sloofbaantje moest ik me hier niet ver vandaan bij een moeder en dochter melden, altijd na 15:00, wat ik merkwaardig vond, omdat de moeder in haar nachthemd op haar douchebeurt zat te wachten. Je wil je toch wel iets eerder opfrissen.

Die twee keer per week twee uur werden elke keer dwangneurotisch ingevuld. Alles moest in dezelfde volgorde, de badkamer moest na afloop uiterst precies van elke druppel worden ontdaan, met het speciale druppeldoekje en niet dat àndere lapje.
Het samen met de moeder opmaken van het bed was zo’n gekmakend verlopend ritueel, op de milimeter precies, dat ik er kriebels van ongeduld van kreeg.
Lakens met de vouw exact in het midden, links en rechts op de metalen rand van het bed, oranje ruitjes van deken idem, kussens met een meetlint 9 cm van de bedrand, ik liet mezelf mentaal traag door oneindig laagland gaan, om niet te gaan GILLEN!

Twee nachthemden onder twee kussens. Zouden de dames in één bed slapen?
Dat ging me verder niet aan, moet iedereen zelf weten, mij allemaal best, wie weet wat voor paniekaanvallen er ‘s nachts plaatsgrepen etc etc, maar het droeg ook niet bij tot de algemene feestvreugde, die andere, gezelliger bejaarden me bezorgen met hun lol, rielekste opvattingen over leven, huishouden en stof (ach, maakt niks uit, dat komt elke dag terug).
We noemden dit stel “Les Maniaques.“. Dwangneurotischer heb ik ze zelden gezien.

Neighbouring flower garden with clematis.
Mijn stekje van de clematis montana doet het goed in de tuin van buurvrouw

Ik werd af en toe apart genomen door de dochter met kritiek, of ik de stofzuiger niet zo tegen de muur of stoelen wilde stoten, omdat ze misschien die stoelen nog wel eens wilden verkopen. Ik was me er niet van bewust dat ik dat deed, maar ik had al geleerd meteen ja en amen te zeggen. Vooral niet defensief zijn of lijken, blijken, heten, dunken of voorkomen.
En of ik de dweil wel in chloor had uitgespoeld, etc, dingen die me of niks kunnen schelen of waar ik principieel op tegen ben, zoals het gebruik van datzelfde chloor.

Zijzelf vouwde zich af en toe plotseling in de hal dubbel, hoofd en haar tussen de benen en borstelde zo haar haar, waarna ik de dingetjes die op de grond waren gevallen moest opzuigen.

En als dat huis nou enorm was geweest, vol met de bekende kitschsnuisterijen, meubels en andere troep, neen, helemaal niet, het was kaal, en een van die jaren 60-betonblokbungalows, die van buiten heel groot lijken, maar waarvan de kamers verrassend klein blijken te zijn. Ik wil maar zeggen, huishouden was zo gebeurd.
De hele benedenverdieping van dat type is garage en kelder, het huis is alleen via de trap buiten of binnen te bereiken, wat problemen geeft als je een dagje ouder bent. Daar hebben ze totaal niet over nagedacht indertijd. Maar dat doet er even niet toe.

Ominous upcoming storm
Storm komt eraan

Ik kwekte elke keer zoals altijd, waarschijnlijk om de zenuwen die me besprongen te overschreeuwen, hysterisch vrolijk over van alles en niets en de moeder vertelde over haar traumatische ervaring tijdens de storm van december 1999, toen de stroom een week was uitgevallen en alle buren er vandoor waren naar veiliger oorden en haar in het donker vergeten waren. Haar man was toen net volkomen onverwacht plotsklaps dood neergevallen – wat hier en misschien ook elders met mannen van die leeftijd wel heel vaak gebeurt, nu ik eens tel – terwijl ze, vers uit Parijs gekomen, lekker rustig op het platteland van hun pensioen hadden willen genieten.

Ik zag dat vrouwtje al in het duister in dat kale huis, met een flikkerende olielamp, bevend van angst, terwijl de kerststorm om het huis raasde en en passant de ene reuzeconifeer na de volgende pootje haakte. Blijf zitten waar je zit en verroer je niet.

Een beetje slordig van de buren, vond ik.
Het huis stond op een enorm terrein, waar de moestuin had moeten komen, ware het niet dat de grond uit louter rotsblok bestond met een laagje van 15 cm aarde. zoals onze voortuin, maar dan 5000 m2. Vandaar ook dat de bomen zo makkelijk tegen de vlakte gingen.
(Buurman P verklaarde desgevraagd dat hij en iedereen in onze gemeente, wisten dat de vorige eigenaar ze gewoon had bedonderd.)

Neighbouring ladies watching the dog
Buren

Toen ik een keer naar aanleiding van “wat te doen met oud brood” het over de culinair journalist van Le Monde had – ik lulde en lulde maar door elke keer -, die in het kader van de Klimaattop in Parijs het recept van een beroemde chef voor broodpudding in de krant had gezet, vroeg de dochter: Wat, leest u Le Monde? alsof ik een wereldwonder was.
Schoonmaaksters lezen niet en zeker geen echte krant. Deze vrouwen lazen al helemaal niets.

Met de dochter was iets niet in orde, type ongeleid projectiel en ik vroeg me af of ze werkte en zo ja waar en wat ze deed. Nachtwerk vanwege die pyjama? Fantasieën over een bordeel of nachtclub. Die heb je hier niet, geloof ik. Misschien deed ze niets.
Een vrouw van mijn leeftijd, kapsel en kleding nooit veranderd in 40 jaar en die ook net als haar moeder nog in pyjama rondliep en eindeloos aan de telefoon zat. Altijd.
Ik ben er nooit achtergekomen wat er nu precies allemaal aan de hand was daar, nou ja, iedereen doet maar waar hij zin in heeft, wat kon mij het verder schelen. Behalve dat die paar uur niet door te komen waren.
Ze boden me nooit iets aan, geen glaasje water, of een stoel, en dat terwijl het dat jaar een bloedhete zomer was en twee of drie uur achter elkaar wassen, stofzuigen, dweilen en strijken, dat is bijna niet te doen en bovendien onaardig.

Drinking tea all day
Dorst!

Op een kwade dag kreeg ik van het bedrijf te horen dat ik er de maand erop drie keer per week drie uur naar toe moest en dat ging me te ver, totale paniek brak uit: er was niet genoeg te doen en ik werd helemaal gek van dat obsessieve gepoets, echt, ik wilde best een keer per week 2 uur, maar dat was dat. Werd er naar me geluisterd? Nee, er werd niet naar me geluisterd.

Omdat de roostermaker geen idee had (en heeft) dat klant vòòr deze dames zich roostertechnisch op 1 minuut rijden van onze Maniakken bevond, was ik 14 minuten te vroeg. Ik had de auto nog niet geparkeerd of de dochter kwam naar buiten stormen en gilde dat dat niet kon, ik was veel te vroeg en wat dacht ik wel niet? En zo raaskalde ze flink over haar theewater een tijdje voort.
Ik was niet geïntimideerd, maar verbaasd en geïrriteerd over zoveel geweld om niets. Wat wilde dat mens? Ze had me ook kunnen vragen te in de auto te wachten. Ik begreep er niet veel van en was wel een beetje pissig.

Goed, ik deed de oude dame onder de douche en vroeg haar ondertussen wat ik godsnaam al die uren zou moeten doen.
We zouden een wandelingetje kunnen maken, stelde ik voor, want 9 uur huishouden per week in zo’n klein huis, dat was een beetje veel.
Trouwens, en dat zei ik niet, maar dacht ik, die dochter mocht ook wel eens haar handen uit de mouwen steken.
De dame wist het niet en was misschien ook een beetje van slag door uitval van haar kind.

Honeybee drinking mud
Bijtje drinkt modder

Toen ik lekker de stofzuiger tegen de muren aan het beuken was, kwam de dochter praten. Dat ze niet wilde dat ik vòor de afgesproken tijd kwam, want ze zat dan aan de telefoon.
Ze bedoelde dat ik dan niet kon klokken, want dat gebeurt hier met de telefoon en codes.
– We kunnen ook een formulier invullen, mevrouw, stelde ik vousvoyerend voor (zoals ik alle mensen die me niet bevallen vousvoyeer) en dat kunt u ook gewoon zeggen als ik voor de deur sta. Ik kreeg niet eens de gelegenheid om wat dan ook te zeggen.

Ik had geen zin meer om de schijn op te houden en denderde voort:
– In plaats daarvan word ik uitgescholden om niets. En dat is niet erg lollig. Ik begrijp niet waarom u niet beleefd of in ieder geval normaal kunt zeggen of ik nog even wil wachten. Maar zo’n engoulade, die accepteer ik niet!

Dat zei ik en stak in gedachten een middelvinger op. En ik voegde eraan toe:
– Als ik niet zo moe was, zou ik nu mijn mond hebben gehouden. Maar ik heb 10 minuten middagpauze gehad en ben al vanaf half acht aan het werk, dus ik kan onbeschoft gekrijs dat nergens over gaat, op dit moment even niet hebben.

En dat was een stomme zet van me. Dat snapte ik meteen, want de vrouw zoemde er meteen op in en zei gretig dat ze in dat geval mijn werkgever wel eens een brief op poten zou sturen.
Oh, godsamme, alsjeblieft, bemoei je niet met mijn problemen, dacht ik en zei hardop dat dat niet nodig was, omdat het bedrijf al door mij op de hoogte was gesteld.

Ze bleef nog veel te lang hierover doorzeuren, tot ze over de buren begon te zeiken, die allemaal cons, connards en salauds  waren.
En waarom waren het dan van die klootzakken? Nou, ze zeiden geen gedag en ze loerden de hele tijd om te zien wat moeder en dochter in huis en tuin aan het uitspoken waren. Daarom had ze plastic dekzeil over het hek gehangen, maar dat lag elke keer weer op de grond.
Zou het de wind niet zijn geweest?
Neen, het waren die klootzakken. Creusois zijn allemaal tuig en ijskoud, want ze waren nog nooit ergens uitgenodigd.
Toe maar, gooi het er maar uit, en hoe zou dat dan toch komen, denk je zelf?
De buren van 1999 waren denkelijk niet op hun achterhoofd gevallen.

Ik zei nog, terwijl ik wist dat ik tegen een plastic dekzeil praatte, dat ik hele andere ervaringen had en dat je misschien als je wil ontvangen, je misschien eerst moet geven, enzovoorts, ik lepelde de ene tegeltjeswijsheid na de volgende op, die allemaal letterlijk van toepassing waren op de verwrongen ideeën van dit oude meisje.
Feitelijk had ik net zo goed een bromgeluid kunnen maken, of 100 keer”toentomatentomatentomatentovrat” kunnen zeggen tegen deze ziel die zo gekweld werd door achtervolgingswaan en rancune, dat zich dat in een eeuwige groef bleef herhalen. Ze wilde er niets van horen

Lime tree in the French country.
De linde in bloei

Dit bleek het allerlaatste gesprek en mijn laatste bezoek, want twee dagen later moest ik me melden bij de werkgever, die verklaarde dat de dochter een brief had gestuurd dat ze mij niet meer wilde zien. HOERA! En ik maakte een klein vreugdedansje.
Tijdens dat onderhoud met een of ander meisje van personeelszaken, ik schatte haar op 22 of misschien 14, kreeg ik een reprimande van deze bedrijfskleuter.

Ik kon mijn lachen niet houden, zo idioot vond ik dat kind, dat zichzelf veel te serieus nam en zich als mijn meerdere beschouwde, goeie god, wat een belachelijke vertoning!
Wat was het probleem eigenlijk? Ik had niet mogen zeggen dat de werkgever mij te weinig pauze had gegeven. Waarom niet, als dat de waarheid is?
Het is verboden om je in het openbaar negatief uit te laten, zelfs al is het waar.
Oh, waren we zo getrouwd.
Ik zal het nooit meer doen, beloofde ik met een vette grijns, vingers gekruist achter mijn rug.
Maar wat een vuile hypocriet, die schijnheilige dochter, die om de drie woorden had beweerd dat ze zo eerlijk en recht door zee was: “Je suis franche”.

Laatst zag ik haar weer voor het eerst op de parkeerplaats van de supermarkt.
Ha, dat was mijn kans om haar eens met mijn aanwezigheid te confronteren. Maar niks, ze had mij duidelijk ook gespot en ik kon haar nergens vinden, wat wel verdomde jammer was. Nog laf ook, dus.

– Maniakken?, riep mijn collega 2 dagen geleden, toen ik het er met haar over had, ze zijn volkomen geschift! Gestoord, een steekje los, lopen met molentjes! Ze kunnen niemand krijgen! Niemand wil er werken.

Ah. Op die fiets.

Groente snijden

Tomato harvest

De laatste tijd moest ik toevallig op een paar verschillende adresjes  “la soupe” voorbereiden. La soupe is eerder het souper dan de soep, hoewel er vaak wel degelijk soep wordt gegeten.

Bij de eerste dame ging het om tomaten. Ik moest ze met een bot mes ontvellen, op een diep bord als snijplank, zonder ze eerst even in het hete water te hebben gegooid. Omdat ik me daar tegen verzette, vroeg ze geïrriteerd of ik dat misschien nog nooit had gedaan. Ik wist toch wel hoe ik tomaten moest doen (préparer)?

– Jazeker, zei ik bijdehand, en dat is niet zoals ù het wenscht, mevrouw. Dat wordt een bende en duurt bovendien veel langer.
– Nee, niet waar.
– Zoals u wilt en zult zien, madame.
Toen ik gelijk kreeg en haar een bord met geslachte tomaten liet zien, mopperde ze nog een half uur dat het allemaal mijn schuld was.
Tuurlijk, joh.

Ik heb in al die jaren nog nooit ergens een behoorlijk en scherp mes, noch een snijplank of een fatsoenlijke koekenpan gezien.
Ik heb daarom dan ook mijn eigen opinal en de in het bos gevonden laguiole pliant altijd bij me.

A real laguoile

Toen ik lang geleden ergens anders in opdracht gebakken aardappels ging maken en ze zoals altijd, even vijf minuten voorkookte, gilde de dame in kwestie: WAT DOET U NU?
– Ik maak gebakken aardappelen, mevrouwtje, en ging door terwijl ze zich in de handen wrong van wanhoop en ellende.
Ze had namelijk een zoon, die ik onmiddellijk herkend had als het Seksmaniak- en Mijn-Wil-Is-Wet-type.
Alleen loerend oogcontact met mijn borsten en benen. Gelukkig dragen wij hulpjes allemaal een uiterst onelegant schort, waarin iedereen eruitziet als een roze zak betonmengsel.

Fresh potatoes

Toen ik uiteindelijk de aardappels serveerde met een bruin krokant korstje en een boterzachte binnenkant, zei ze verbaasd: Oh, wat heerlijk.
Opgelucht dat haar zoon nu niet de rest van de dag zijn kankerhumeur zou laten heersen.

En twee weken geleden, in een schitterend huis met een even zo mooie keuken, lagen de aardappels, rapen, prei en wortels al voor me klaar.
Op mijn vraag of ze de aardappels in de lengte, tweeën of vieren, in kleine blokjes of helemaal niet gesneden wilde hebben, vroeg deze vrouw beschuldigend:
– Heeft u nog nooit soep gemaakt?

Zucht. You can’t win, can you?

Buurman

Hamlet in France in winter
27 december 2011

Ongeveer een half jaar geleden zakte buurman P (94) voor de vijfde keer in zes dagen door zijn knieën en moest met vereende krachten weer overeind worden geholpen.
De dokter liet bloedprikken, zoals hier de standaardprocedure is en daar kwam o.a. uit dat de nieren niet goed functioneerden.
Ik regelde op verzoek van de arts vervoer naar het ziekenhuis voor hem, terwijl buuf zolang bij hem bleef, want ik moest werken.
Ik annuleerde in dezelfde moeite op buurmans verzoek ook alle hulpdiensten: thuishulp, verzorgende en tafeltje-dekje en stelde de familie op de hoogte.
Dit vond allemaal plaats in dezelfde periode dat de enige zoon van buurman al 2 maanden in het ziekenhuis lag wegens een tumor in de longen, tijdens dewelke behandeling hij een hersenbloeding had gekregen, die hem eenzijdig had verlamd en het spreken onmogelijk had gemaakt. Het was wachten op de verlossende dood.

Arme buurman was niet meer in staat te reizen, en praten met zijn stervende kind door de telefoon was er immers nu ook niet bij.
Hij moest elke keer hartverscheurend huilen als hij me zag en snikte dan: mon petit, mon petit, il s’en va. Wat een ellende.

Ik bezocht hem in het ziekenhuis en hij zat daar met une poche, omdat plassen niet ging.
– Wil je de post meenemen, vroeg hij, als je weer komt, want zijn hoofd zit nog stevig op zijn nek geschroefd.
Direct na thuiskomst vroeg ik daarom buuf de sleutel van zijn huis en zag dat zijn maaltijd nog onaangetast op de keukentafel stond te schimmelen, dus we ruimden even alles op, ik waste af en gooide de volle vuilniszak weg, die al flink begon te rieken.

Drie dagen na de ziekenhuisopname van de vader stierf de zoon.

A late foggy Sunday afternoon
24 december 2017

Toen ik een dag voor de begrafenis, die hier zou plaatsvinden, thuiskwam van werk, stonden de verse weduwe en haar dochter in de deuropening van buurmans huis. Ik stapte op hen af om ze te begroeten en te condoleren, toen de kleindochter zich breedmaakte en op agressieve toon zei dat ik het huis niet meer in mocht, want dat was van haar.
Nu zei ze “à moi”, wat zowel aan als van kan betekenen en het is waar dat zij de enige erfgenaam is, maar ik dacht, volkomen verbijsterd door haar toon: ho, ho, buurman is nog niet dood, hoor, en by the way, bedankt voor alles, hè, nomdedieu putain de merde.

Ik had daar niet de minste behoefte aan, zei ik, trillend van ingehouden woede, maar dat buurman me gevraagd had de post voor hem mee te nemen.
Oh, ze zou me wel de sleutel van de brievenbus geven, waarop ik me omdraaide, wegliep en in gedachten een vette middelvinger opstak. Dat was misschien wel aan mijn lichaamstaal te zien.
Ja, zeg, ik ben daar gek. Doe het lekker zelf.

Nu hadden we nogal hartelijk telefoon- en smsverkeer gehad waarin ik had haar op het hart had gedrukt zich vooral met haar stervende vader bezig te houden. Opa zou zich als ouwe taaie verlopig wel redden, wij hielden hem in de gaten.
De familie woont in een stad op een uur van ons rijden, vandaar.
Daarom snapte ik niks van die agressie. Nog steeds niet.

Ze had wel net haar vader verloren, maar dat vond ik geen reden om me zo te behandelen. Toen mijn vader dood was, voelde ik alleen maar een emotionele liefde voor iedereen die iets aardigs zei.

Einde verhaal wat mij betreft, zo eenvoudig is dat.

IMG_9516.jpg
5 maart 2018

Iedereen die ik dit verhaal vertelde, was geschokt. Oh, zei mijn vriendin D. het gaat ze om de poen (des sous!), geloof me maar!
Dat was de algemene reactie. Ze kennen hier hun pappenheimers.
Verrek en krijg nou niks, dat ik als een potentiële dief werd gezien, realiseerde ik me toen pas in volle glorie.

De erfgename stuurde nog een sms met een lulverhaal met kutsmoesjes, zonder enig excuus, dat ze ondertekende samen met haar man.
Haha, ten eerste ondertekent niemand een sms, en vrouwen die hun man erbij halen, dat is een beetje zielig.
Ik heb er niet op geantwoord.

Summertime during climate change
4 september 2018

Waarom dit ook zo’n onverteerbare situatie voor me is, komt omdat ik die mensen in al die jaren nauwelijks heb gezien. De zoon kwam braaf om de week bij zijn oude vader, maaide het gras en ging weer weg.
Schoon- en kleindochter kwamen bij uitzondering misschien een of hooguit twee keer per jaar.
De verhouding was kennelijk niet al te best, maar goed genoeg om doodsbang te zijn dat een buurvrouw hier en daar iets in dr zak zou kunnen steken. Tjezus, fijne mentaliteit.

Wat het nog erger maakt, is dat deze mensen niemand op de hoogte houden, waar arme buurman is. Hijzelf weet ook nooit wat de plannen zijn.
Hij zat na het ziekenhuis in een bejaardenopvangtehuis in la Sout, waar ik hem een aantal keer heb bezocht. Toen we laatst weer langsgingen, zat de deur op slot: hij bleek weer terug naar het ziekenhuis.
Dat was de tweede keer al. Een paar weken daarvoor had ik gebeld: nee, die meneer is niet bekend bij ons.

Sanatorium, Sainte Feyre
V/H kuuroord Saint Feyre, 22 juni 2011

Toen ik het ziekenhuis belde, zelfde verhaal: kennen we niet. Terug naar la Sout misschien? Nee, zeiden die desgevraagd.
Zelfs de directe familie weet van niks. De neven niet, de dochter van de overleden broer van buurman (die ik toevallig nota bene hier in de supermarkt tegenkwam, terwijl ze in Parijs woont: wat doe jij nou hier???) wordt niet bijgepraat, niks.

Hele merkwaardige vrouwen of zoals ze hier zeggen: elles sont spéciales.
Buurman bleek trouwens in het v/h sanatorium in Sainte Feyre te zitten, hoorde ik weer van weer iemand anders.

Nu schijnt hij weer terug in het bejaardenopvangtehuis te zijn.
Ze wilden hem volgens buurman Peut-Être in een bejaardentehuis bij hen in de buurt stoppen. Dat heeft me helemaal de moed doen verliezen: een uur heen en een uur terug en heel lang kun je niet blijven, want hij valt vaak al na 5 minuten in slaap.

Waarom niet hier, waar – en dat weet ik – mensen zijn, die nog bij hem in de klas hebben gezeten?
Waarschijnlijk denken ze dat ze goed doen of zoiets. Het valt niet echt te begrijpen.

La Cazine
Zoiets, 26 december 2014

En toen ik laatst om 20:20 thuiskwam in het donker en ons slapende dorp inreed, zag ik een kleine rivier door ons straatje kolken. Omdat ik mijn ogen niet geloofde, riep ik Y. en vroeg haar of ik droomde.

Nee, het was echt, onder deur van buurmans lege huis stroomde een iets kleinere versie van de Niagara, die zich naar beneden stortte en hup, het dorp uit. Zoiets had ik nog nooit gezien.
Ik overwoog heel even gewoon naar bed te gaan en duizenden liter de hele nacht te laten doorstromen, want ça me regardait pas en ik had ze nog zo gewaarschuwd de hoofdkraan dicht te draaien en trouwens, ik heb de sleutel toch niet?

In plaats daarvan klopte ik braaf bij buurman JP aan met de vraag of hij dat wilde afhandelen, omdat ik niet het risico wilde lopen ook daar de schuld van te krijgen en nogmaals uitgescholden te worden.

Die bleek weer wèl de sleutel te hebben. Kijk, de een kun je vertrouwen en de ander kennelijk niet.

Achterblijvers

Good morning, Marguérite
Bonjour, Marguérite

Ze zijn hier op het platteland waar ik woon en werk over het algemeen heel erg van het opruimen en de boel aan kant.
Prototypische karikatuur is buurman Peut-être met zijn kleinburgerlijke normenstelsel: vrouw doet alles binnenshuis, strijkt, kookt, wast, dweilt en houdt haar mond, man doet de tuin, rijdt auto, commandeert, kookt nooit, gaat naar begrafenissen en eventueel vreemd en bepaalt of ze blijven of naar huis gaan.
Emancipatie: nog nooit van gehoord. Klinkt trouwens als wijlen mijn v/h schoonouders.

Wat met deze strenge rolverdeling en ouderwetse opvattingen gepaard gaat, is dat de huizen en tuinen er altijd extreem opgeruimd en aan kant uitzien. Het is verstikkend dwangmatig, vooral de tuinen: woestijnen van extreem kortgewiekt gras met hier en daar een boompje of pol pampagras.

Neighbouring garden aka desert for the bees
Zo heurt het eigenlijk

Ik ben er ongeschikt voor, mijn hersens werken niet zo. Ik vind het huishouden gewoon zonde van mijn tijd.
Deze mensen (vrouwen binnen, mannen buiten) doen niets anders dan dat, poetsen, poetsen, poetsen. Ze strijken alles, ook onderbroeken en poetslappen, nou ja, zij niet, ik moet dat doen.
Een boek lezen of anderszins een beetje voor je uit staren doen ze niet. Je ziet er trouwens in die huizen geen boeken. Ze lezen niet. Kijken weer wel non-stop spelletjes op tv.
Ik ben éen keer op een zaterdag bij een oudere heer geweest, die bij zoon en schoondochter inwoonde, en de schoondochter liet me drie keer dezelfde smetteloze vloer doen: 1.stofzuigen, 2.dweilen met sop en nog een keer 3.dweilen met chloor. Ik moest de eetkamerstoelen op de tafel zetten, wat ik weer onbegrijpelijk onhygiënisch vond en vind. Stoelpoten op het tafelblad, getver. Bizar genoeg niet bij deze smetvrezenden.

De oude heer heb ik alleen maar bij aankomst een hand gegeven en niet meer gezien. Ik heb hierover mijn beklag bij mijn werk gedaan. Weekend is voor mensen die niemand hebben, die hulp nodig hebben bij opstaan, wassen, aankleden, eten en naar de wc gaan, niet om een volkomen schone vloer 3x te ontsmetten.

15 août 2016, Saint Sulpice le Dunois
Hopla, en weer een portie friet in het diepvet

Ik heb hier nog nooit een man zien koken of dweilen op dagelijkse basis. Ja, op dorpsfeesten zijn het altijd de mannen die de entrecôtes op het vuur en de patates frites in het vet gooien. Nooit een vrouw. 

Onder mijn bejaarde klantjes zijn er bijvoorbeeld maar weinig vrouwen die een rijbewijs hebben en dat blijkt ze nu lelijk op te breken. Als ik vraag waarom, verklaren ze dat dat niet nodig was, want de man reed.
Niemand blijkt er rekening mee te hebben gehouden dat mannen wel eens eerder dood kunnen gaan dan vrouwen. De achterblijvende vrouwen blijven tot hun eigen dood in shock omdat het leven hun zo’n smerige streek heeft geleverd. 
Ik begrijp goed dat je verdriet heb en rouwt, maar er zijn er wier man 30 jaar geleden al is “vertrokken”, en die nog steeds niet hebben geaccepteerd dat het leven nu eenmaal zo in elkaar steekt.

Ik denk stiekem altijd: waarom heb je toen niet meteen je rijbewijs gehaald? Er is hier geen openbaar vervoer, sinds de kleine spoorlijntjes zijn opgeheven. Boodschappen, apotheek of dokter, de drie basisbehoeften van de plattelandsbejaarde kun je niet anders doen dan met de auto. 
Het gevolg is dat al die oude dames afhankelijk zijn van kinderen, die vaak vertrokken zijn naar de grote stad, buren, vrienden of de thuishulp, die een kilometerprijs heeft.

Summertime during climate change
Kurkdroge toestanden wegens klimaatverandering

Dit bovenstaande had ik al een half jaar geleden geschreven en wilde het eigenlijk weggooien.
Iets anders, mijn pensioendatum is in augustus 2020, maar als ik het handig aanpak, kan ik al over 14 maanden ophouden met werken. Tot die dag moet ik nog de terreur van het leven van een loonslaaf ondergaan. En dat valt soms niet mee. Elke keer gedoe met de auto, incapabelen en andere financiële problemen maken het leven hier, hoe zal ik het noemen – tot een uitdaging.

Gelukkig heb ik een kippenhok vol kippen, een kast vol bijen, een diepvries vol eten en een schuur vol hout. En de oudste dochter is er, de jongste komt gelukkig binnenkort ook weer.

Rachel's Roddy almond tarte
En we bakken de heerlijkste taarten met spullen uit de voorraadkast

Niemand hoeft medelijden met me te hebben. Ik mag niet klagen: een warm huis, een dak en werk met een inkomen waar ik min of meer mijn schulden mee kan aflossen. Dat is tegenwoordig niet vanzelfsprekend.
Over veertien maanden geef ik een feest, als alles me gelukt is. Et pourquoi pas?

Ik heb me voorgenomen weer wekelijks of tweewekelijks te gaan publiceren. Eerst nog de gerepareerde 2cv door de APK zien te krijgen. Jullie horen snel weer van me.

Het personeel

Bees collecting pollen from the common Dandelion
Lieve bijtjes aan de stuifmeel in de paardenbloem

Ik had een tijdje de zorg over een bejaard hokkend stel, waarvan de vrouw (86) zeker in het begin niet te harden zo onaangenaam was. Toen ik me de eerste keer meldde, zei ze bij wijze van hartelijk welkom: U bent te laat. Wat niet zo was, ik was te vroeg.

Dat begon goed. Na een tijdje behandelde ik haar als alle zuurpruimen en antwoordde dan: ik ben ook heel blij je weer te zien, Madeleine! (Germaine, Suzanne en hoe ze ook allemaal mogen heten) Ik noem iedereen hier bij de voornaam en zeg u, tenzij ze zelf meteen beginnen te tutoyeren.
Ik moest er elke dag heen, met lood in mijn schoenen, omdat mevrouw ervan hield te commanderen en ik een beetje moe werd net te doen alsof ik haar niet hoorde. Mijn doofheid verdween onmiddellijk als ze het vriendelijk vroeg. Conditioneren heet dat, lieve lezers. Werkt altijd.

No walkie walkie today
Een andere onwillige bejaarde

Haar vriend (81) was van een heel andere orde, vriendelijk, behulpzaam en dol op flauwe grapjes. Hij hield er nogal uitgesproken politieke ideeën op na, waarbij hij zich enorm opwond over de corruptie van vooral de types rond Sarko, waar hij gelijk in had en hij legde eenzelfde passie aan de dag voor de homeopathie, waarvan hij de kennis had opgedaan uit een pocketboekje, waarschijnlijk in de jaren 70 gratis gekregen bij twee pakken muesli.

De eetkamer leek wel een apotheek, de stapels dozen met pillen, druppels, elixers en andere hulpmiddelen reikten tot het plafond, op de tafel was nauwelijks ruimte voor de borden tussen nog meer pillendozen en buisjes met versterkende balletjes van suiker en andere nutteloze troep, die ik grotendeels terugvond op de vloer onder tafel en kastjes en die ik meteen in de vuilnisbak mikte.

Warré hive under construction
Halve warré-bijenkast

– We laten ons niet inenten, we doen dat met natuurlijke middelen, verklaarde zij, waarop ik in het begin nog beweerde dat de beet van de zwarte mamba ook natuurlijk is, maar dat na een tijdje opgaf, omdat ze me glazig aankeken: watzegtzewatzegtze?
Ik vertelde ze wel – nieuwsgierig naar hun reactie – dat ik me had laten inenten tegen de griep. Ze deinsden vol angst achteruit: ga je ons besmetten? Neen, juist niet! was een antwoord dat niet werd gehoord. 

Arme huisarts die bij ze langs moet, dacht ik nog eerst, want ze hadden altijd wel iets te zeiken of wisten het beter, tot bleek dat het die ongelooflijke klojo was van een tijdje geleden en die gunde ik alle ellende van de wereld en vooral onmogelijke patienten.
Oh, zoete wraak.

Dog smelling something interesting at the fishpound
Bleu ruikt denkelijk beverratten

Als de man in de gang iets tegen me zei, klonk vanuit de eetkamer haar stem:
– Ik betaal de werkster niet om te praten, maar om te werken!
De werkster, dat was ik dan. Ik lachte me een kriek, want ik wist dat ze geen cent betaalde, omdat alles door de staat werd gesubsidieerd.
Hij had één anekdotische mop, die hij 100 keer herhaalde en waarin de pointe al onmiddellijk in de eerste zin werd prijsgegeven door de onwaarschijnlijke details. Hij had alleen de clou onthouden en wist de spanning niet op te bouwen:

“Er was er eens een vrouw (naamloos) die een hondje had, dat Pire heette. (oh jee, ik vrees al waar dat toe leidt). Op een dag was het hondje weg en de vrouw sprong op de fiets, maar had geen onderbroek aan (daar zaten we op te wachten). Toen ze een man op straat zag, vroeg ze, terwijl op hetzelfde moment haar rok omhoog waaide: heeft u Pire gezien? Nee, zei de man, je n’ai jamais vu pire.”

Een misogyn rotverhaaltje, waar ik met de beste wil van de wereld niet om kon lachen, ook al omdat het zo waardeloos werd verteld. Geef die vrouw een naam, verzin nog meer bijzonderheden en verwerk daar die blote kont in. Maar het vrouwonvriendelijke karakter maakt het zelfs als grapje niet leuk. 
Maar dit even terzijde.

Hij fluisterde regelmatig dat zij de dochter was van de bekende Creusoise vrijmetselaar [..] en dat ze het daarom hoog in de bol had. Haar vader had haar wijsgemaakt dat ze ver verheven boven alles en iedereen stond en het was mij van de eerste seconde duidelijk dat ze dat inderdaad ook dacht. Ze sprak met een soort deftige stem, die ik belachelijk vond klinken in dat beschimmelde krothuis met zeil op de vloer met parketpatroon.

Salamander in the fishpound
Salamandertje gespot in de visvijver achter ons dorp

Die vrijmetselaars, dat was volgens hem een maffiose kliek, die hun tentakels overal in het bestuur en de politiek hadden, en trouwens, die politici…, ging hij heel zacht verder, terwijl hij op dreef kwam, maar zij was jammer genoeg niet doof en hoorde het gesmoes en schreeuwde dat hij moest stoppen.

Ik heb nog een beetje gegoogled, maar kon niks vinden op haar naam. Volgens buurman P is het wel zo dat de Franse politiek vergeven is van dat geheime witte-mannengenootschap, wat mij alweer niets verbaast. Dat komt regelrecht uit de infrastructuur van de katholieke kerk.
(Deze homeopatische gelovige was trouwens dezelfde die zijn buurman de zoon van een nazi had genoemd.)
 
Af en toe werd ze afgevoerd naar het ziekenhuis en dan hadden we weer even rust. Ze had altijd last van haar ingewanden, wat me niet verbaasde, want ze zat non-stop te eten en de vraag was natuurlijk of al die zelfmedicatie zo onschuldig was. 

Soms beweerde ze rustig, nou ja, niet rustig maar meer verontwaardigd over zoveel onrechtvaardigheid, dat ze niets naar binnen kreeg, zo ellendig voelde ze zich, ze had niets kunnen eten, ja, een paar biscottes (6) met boter, een banaan en een peer, maar nee, ze kon niets eten. Behalve aan zelfmedicatie deed ze kennelijk ook aan zelfbedondering.

Some acorn giving it a try
Eikel doet zijn best

Met kerstmis kreeg ik plechtig een doos chocolaatjes overhandigd, want “we geven altijd iets aan het personeel met kerst”. We, dat waren niet zij en haar partner, maar zij en haar vrijmetselende vader.  Ik was het personeel. Dat mocht je willen, dacht ik.

Er is tenslotte een einde aan gekomen toen zij niet langer thuis kon blijven, omdat hij helemaal gek en zelfs ziek werd van haar gecommandeer. Tot diep in de nacht moest hij glaasjes water halen, haar helpen vervolgens te plassen en haar overeind helpen als ze ondanks alles op de grond was terechtgekomen. Hij liep helemaal krom van de rugpijn en vertelde helemaal geen geintjes meer, maar mopperde wel op de eikel van een huisarts die hem slechts een pijnstiller had durven geven.
Ik was het met hem eens: de bron was eerder sociaal-psychologisch dan medisch. Maar ja, ook wel ongeneeslijk.