Tag Archives: oldtimer

In de olie

Cleaning the motor of the deuche
De boosdoeners

Ik dacht 3 dagen na thuiskomst, laat ik nu eindelijk maar eens dat nieuwe benzineleidingslangetje erop gaan zetten en de eend aanslingeren, na een maand winterstop. De accu was opgeladen, hij was goedgekeurd, het was niet koud geweest, appeltje eitje, zoals sommige mensen zeggen. Jelui voelt het al, mik dat appeltje eitje maar in de lofsla en duik tot je ellebogen in de olie.

Want wat was er aan de hand? Dat wist ik eerst ook niet. De startmotor deed het, er volgde alleen geen explosie, wat betekende dat er of 1. geen benzine in de carburateur zat of 2. de bougies een schoonmaakbeurt nodig hadden.
Of 3. weet niet.

De losse benzineleiding spoog braaf benzine uit, als ik startte, dus dat kon worden geschrapt. Bougies waren brandschoon, maar ik poetste ze toch maar voor de zekerheid met mijn speciale bougieborsteltje, dat ik nog had uit de tijd dat ik bij het Rotterdamse Eende?´i liep. Wie wat bewaart, heeft wat, zie ook het plaatje hieronder.

Certificate dedeuchology
Altijd flauwe grapjes met het motto Conjunctus Viribus

Hij startte nog steeds niet. Wel verspreidde zich een gezellige benzinegeur (verzopen, heb ik hem verzopen?) en ja hoor, de benzine stroomde gewoon uit het gaatje in het spruitstuk (?) in plaats van zich in gasvorm te laten ontsteken door de vonk van de bougies. Er zat iets verstopt, dat was duidelijk en dat kon alleen maar ergens in de carburateur zijn. Die moest dan maar eens worden opengemaakt en doorgeblazen.

De Haynes doet er nogal makkelijk over : “Unscrew and remove the caburettor-to-manifold retaining nuts…” (yeah, right), net als het handige instructiefilmpje van de M?¬©hariclub (Comment changer un carburateur double corps ? ), waarin de motor brandschoon is en alle moeren en piefjes zonder enig probleem of vloeken te bereiken en los te schroeven zijn.

Na een beetje verder zoeken vond ik op de 2cv-fora de werkelijke oorsprong van een verstopte carburateur: als de klep van de olievulpijp door rubberrot niet meer goed sluit, valt de onderdruk weg en stroomt de olie overal heen en komt bovendien via het luchtfilter in de carb terecht, roet in de sproeiertjes en einde verhaal qua ontsteking dan.

Volgen jullie het nog?

Cleaning the motor of the deuche
Fijn met een levensgevaarlijke chemische spuitbus de carburateur ontvetten

Nu kon ik met veel moeite bij de eerste drie, maar niet bij de laatste retaining nut van de carb, omdat daar die olievulpijp (reniflard) in de weg zat, of ik moest zo’n handige haakse steeksleutel hebben, die die gast van het filmpje brandschoon uit zijn gereedschapskist haalde, dus dat ding (de pijp) moest sowieso los en worden vervangen. Ja, 10 liter WD-40 en 24 uur later had ik hem eindelijk, inclusief een hernia als bonus omdat dat klusje alleen maar kromgebogen kan worden gedaan.

Die laatste carburateurmoer bleek geen maat 12, maar 13 (Johan, bedankt!) waar ik toen pas achterkwam, na eerst vruchteloos met sleutel 12 op die onmogelijke plaats te hebben gepield en gepoteld.
Het luchtfilterhuis was geen probleem, dat hing lekker degelijk aan een paperclip en spuug van de vorige eigenaar aan een elastiekje in het luchtledige onder de motorkap. Ik ken nu ook fijn de Franse termen voor de onderdelen, onze valse vriend de accu niet te vergeten. Bougies zijn bougies, carburateur is carburateur, maar wat is spruitstuk? Ik denk tubulure d’admission. Maar ja, wat is een spruitstuk eigenlijk?

Met een boodschappenlijstje voor de renov-2cv reden we zaterdag naar D?©ols en probeerde ik de jongens daar te imponeren met mijn pikzwarte oliepootjes en kocht nieuwe pakkingen, een nieuw luchtfilter, een nieuwe olievulpijp, een spuitbus met chemisch gif voor de carburateur en doe er ook maar een nieuwe accu bij.

Le restaurant Les Artistes du Confluent
Zoek de Bataafse

Zondag hadden we een rustdag in de vorm van een sortie met de oldtimerclub, dus kon er niet worden gesleuteld, en maandagmiddag kon ik niet verder met mijn brandschone carb en luchtfilter, omdat buurman JP er niet was, van wie ik de compressor met lucht wilde lenen.

Die middag dan in godsnaam maar even tussendoor de hens in de brandstapel, ook nuttig en dankzij het mooie weer in een mum gefikst, in tegenstelling tot dinsdag toen ik probeerde die verdomde nieuwe olievulpijp als laatste op zijn plek te krijgen. Dat viel verdomde tegen. Je denkt 2 bouten en een pakking en klaar is kees, ha, ha, was dat maar waar.
Hoe kwam dat nou weer, willen jullie natuurlijk weten.

olievulpijp
De nieuwe (l) en de oude (r), ontdek de 7 verschillen

Die nieuwe pijp – zonder twijfel made in China – heeft uitgangen, waarvan de brede met een slang aan het luchtfilter verbonden moet, de smalle idem dito aan de oliepeilstok, maar die net even onder een andere hoek staan de originele. Daardoor kreeg ik de kleine slang (durite) echt niet om de aansluiting van de peilstok, ondanks verhitting met de f??hn om het rubber soepeler te maken, echt, ik heb alles geprobeerd vloekend, huilend, jammerend, smekend, scheldend, tot het lukte toen hij tot de helft was ingekort, de volgende dag dan, want het was al pikkedonker en ik was gevloerd. Gottegot, wat heb ik gevloekt uit frustratie.

De slang naar het luchtfilter ging makkelijk, maar zit daarentegen precies boven de peilstok, ook heel handig, geen mens kan er meer bij. Of ben ik de enige die tegen dit soort problemen aanloopt?

Toen ik hem eindelijk wilde starten Рen dan noem ik niet het gepiel met het veertje van het chokedingetje aan de carburateur, waardoor ik de deksel tot 2x toe opnieuw heb moeten losschroeven, met de angst dat ik de pakking naar de ratsemode zou helpen Рgebeurde er niks (H?®, wat, neen, h?®, het is toch niet waar?), tot we (Siebe mocht de sleutel omdraaien) zagen dat de benzine vrijelijk uit een gat met een niet aangedraaide bout stroomde, helemaal vergeten bij het doorblazen, nondechien en gotsgristusallemachtig!
En eindelijk, eindelijk klonk het vertrouwde geluid van een lopende motor, nadat ik eerst de oude accu had leeggestart.

Tien jaar van mijn leven, mensen. Maar hij doet het. Niet gehinderd door enige kennis.

Oldtimers in de hitte

Inside the MG
Dashboard & stuur van de MG

In de helse hitte van de hittegolf reden we 50 km zuidelijker naar Saint Martial-le-Mont, net als vorig jaar, maar dan warmer.
We zetten onze auto’s op hetzelfde veld en ik sleepte S. meteen mee naar de brocante, voordat de zon op z’n heetst was. Die brandde al behoorlijk, terwijl er wel veel meer brocantists of hoe heet zoiets waren dan de vorige keer. Ik vond niets van mijn gading, ook al omdat ik er eigenlijk geen cent voor overheb. Nou ja, een heel klein beetje. 1 euro voor een weckpot zonder rubber vind ik te duur. Ik geef toe, ik ben zuinig.

ACVE23
Borrelen vanuit de MG

Na 10 minuten moest ik de schaduw al opzoeken en daar ben ik blijven hangen tot midi, een beetje kletsen, de jongens dronken een pastis met ijswater, die monsieur MG vanuit een handige koeltas uitserveerde.
Na het gezamenlijke eten probeerde ik de eend te redden van de verbrandings- en verstikkingsdood, tijdens dewelke actie ik aan elk lichaamsonderdeel dat in aanraking kwam met de 2cv, zoveelstegraads brandwonden opliep. Tegelijkertijd zakte ik door de stoel Рnet de dag ervoor gerepareerd- , omdat de rubbers en het canvas het heel begrijpelijk opgaven bij een binnentemperatuur van >50¬?C. De motor startte heel uitzonderlijk pas na 6 keer, denkelijk toch ook door de hitte. Tobben, tobben, getob, tob.
Toen dan ook de clubleden om 16:00 een gezellig ritje gingen maken naar Aubusson, bedankte ik. Fijn, zittend op de bodem van een rijdende oven naar een nog veel hetere stad rijden, goed idee.


Vrolijk muziekje, waardoor ik nu “Willy Wincka! Willy Woncka!” in mijn hoofd heb

Ik verhoogde mijn zitplaats door de gereedschapskist met een opgevouwen doek onder de stoel te schuiven en reed naar huis. Gek genoeg hield S.’s stoel het wel. Daarvan was het canvas kennelijk iets minder gaar.

tiges renforts
Tige renfort

Ik heb in de catalogus van Mehariclub gekeken hoeveel een nieuw setje (“sommier banquette & des tiges renforts“) me gaat kosten. Maar daar kun je geinige stoelbekleding krijgen! Eens denken of dat eenvoudig zelf te fabrieken is.

Meer foto’s van het uitje >>

Fietsende bakkers

Individual time trial Sannat
Voorzitter van de club 2e van links

Ik had monsieur le Pr?©sident zaterdagavond per mail gevraagd of ik de volgende dag meekon met het uitje naar Sannat, wat mij in de eerste instantie niet leek, omdat het 80 km oostwaarts ligt en ik geen zin had om op mijn vrije zondag alleen maar met die arme Deuche over de grote weg te scheuren. Omdat ik behoefte had aan vertier en integratie was ik van gedachten veranderd.

Hij belde onmiddellijk ‘s ochtends dat hij me om midi zou komen halen, want ik had waarschijnlijk geen idee waar Sannat lag. Nu kun je dat gewoon bij google-maps en zelfs op de kaart vinden, als je hem niet ondersteboven houdt, maar goed, gezellig achter elkaar aan rijden met twee oude bakken heeft ook wel iets. Ik had nog net tijd de eend bij de pomp van de Intermarch?¬© vol te gooien en toen ik ook voor alle zekerheid de jerrycan vulde en natuurlijk de helft morste, zag ik dat het echtpaar na mij zich daarom een deuk lachte.
De man vroeg met zijn kop uit het raam of ik nog nieuws had over Lucienne en dat veroorzaakte kennelijk zo’n vraagteken op mijn voorhoofd, terwijl ik aarzelend zei dat ze ter observatie in het ziekenhuis was opgenomen, dat hij zich bekend maakte: zij waren haar huurders en ze wisten alles van mij, dat ik de schuur had gekocht en waar ik woonde en dat ik een eend had en foto’s maakte. Aha. Dat was wederzijds.

Om 12:00 precies kwam de peugeot het straatje in. De voorzitter begroette me hartelijk en trok tegelijkertijd het kraagje van mijn bloesje recht (“dat staat netter”) met de opmerking dat ik mijn grasveld wel eens mocht maaien. En neen, Sannat lag helemaal niet vlak bij de Allier, maar helemaal de andere kant op, helemaal niet zo ver. Wat ik 20 minuten nog geloofde, tot we op de N145 flink gas gaven in de richting Montlu??üon. Kletst-ie nou maar wat of versta ik hem zo slecht, vroeg ik me af. Dat laatste kon best, want hij heeft een accent als een oordeel, vergelijkbaar met dat van meneer Bruneau, de betonkoning of de melkboer van vroeger uit Voorhout. Berrichons, dacht onze buurvrouw, ik houd het op binnensmonds mompelen met veel rollende rr-en en klinkerwisselingen.

Bij de kerk stonden al een paar oldtimers te wachten, de bekende kliek van de dyane, de renaultjes 4cv en een paar 2cv’s, die allemaal op hun horloge tikten en zeiden:”En we moesten op tijd zijn!”.

Sannat, oldtimers
Wachten op instructies

Het werd hangen tot een uur of 3, toen we de instructies kregen: we zouden elk een renner van de veteranentijdrit (“Les Boulangers“) gaan volgen. En dat deden we. De eerste renner was meteen de langzaamste, die door meneer Feret van de garage te Ahun werd gevolgd, deze keer niet in de Daf, maar in een spiksplinternieuwe witte eend, waarvan ik de prijs wel eens gevraagd had: 10.000 euro. Goedemorgen.
Nummertje 2 kreeg een lekke band (“Crev?¬©! Perc?¬©!“) en de rest ging lekker. Ik haalde er twee in (“Doubl?¬©!“) met een gezette renner, die met een noodvaart de berg op reed met zo’n 45 km/uur, dat kon ik goed op mijn tellertje zien. Publiek was er onderweg eigenlijk niet, afgezien van de wegafzetters, waar ik steeds vrolijk naar zwaaide.

Cyclists ceremony
Prijsuitreiking categorie senioren

Terwijl we na aankomst wachtten op de rest van de club, ging het gesprek over eten, want de jongens hadden ondertussen honger gekregen. En vooral dorst. Ze wezen naar een man, die vroeger in Dun gendarme was en wiens grote hobby bonnen schrijven was, vooral op zondagen na 16:00, als iedereen een slok ophad en die godzijdank nu met pensioen was. Het begon toch warempel op Clochemerle met een vette saus Louis de Fun?®s te lijken.
Om zes uur mochten we een zaaltje in, waar eerst alle bekers werden uitgereikt, want het bleek het Championnat R?¬©gional du Contre La Montre van de Limousin geweest te zijn, waar we als club zo’n mooie rol in hadden gespeeld. Daarna werd er kir geschonken en was het wachten op het repas, terwijl er steeds drukker en opgewondener gekletst werd.
Ik hield het voor gezien en reed in mijn eentje naar huis, via de binnenwegen, waar het merkwaardig genoeg idioot druk was. Ze kwamen zeker allemaal terug van hun vaders.