
We hebben vandaag Yeva naar de IJslanders gebracht. Ze gaat een week lang non-stop t??lten, telgaan, poetsen, rijden en met alle andere vrolijke IJslanderfanaten vakantie vieren. Ik ben helemaal jaloers, maar ja, te oud, h?®?

Onderweg heb ik 5 DSsen gezien, geen enkele 2cv.
Ik red het bijna niet meer van de heimwee. Nog 1,5 week.

Nemo vanuit de nieuwe OBA
Een aantal weken geleden ging ik weer eens naar de Centrale Bibliotheek en vond daar een paar nieuwe boeken over die hobby van me. Leuk, maar het boek van Ab Visser, “God in Frankrijk” was niet meer te krijgen omdat het al was ingepakt. Toen ik mijn boeken ging terugbrengen, was de deur op slot. Verhuizing. Even de communicatie van de OBA niet begrepen.

Ons huis is rechts van het midden
Vandaag gingen Saar en ik bij wijze van uitstapje naar dat nieuwe gebouw. Een schitterend uitzicht, echt en gegarandeerd een bad hair day vanwege de wind, maar verder ok. We hadden alleen een beetje moeite met die navigatie, om het maar eens modern te zeggen. Waar begint de ene en waar eindigt de andere categorie en waarom doet de airconditioning het niet, van die dingen. Ik heb in ieder geval het een en ander besteld en en ook gevonden. Maar een belevenis, dat is een beetje overdreven, Van Velzen! (Directeur Hans van Velzen spreekt van een ‚ ¨‹belevenisbibliotheek‚ ¨!”: ‚ ¨?Je hoeft niet meer weg nadat je een boek hebt geleend.‚ ¨?) Het is gewoon een bieb, heur.
Wel troffen we een groot aantal blije 55-plussers, voor wie het bezoek wel degelijk een belevenis was. Oeps, dat gevoel wil ik nooit beleven.

Ik weet het niet, het geheel had iets armoedigs, de jeugdafdeling was leeg en kaal, (goed, het was vakantie) veel computers (imacs) zaten niet op internet, en we brandden onze handen aan de lollige lampjes die de boekenkasten opvrolijkten. Die gaan denkelijk weg.
Kom op Hans, doe gewoon een bibliotheek! Boeken uitlenen! Dan is er niks aan de hand. Mooie locatie, dat moet gezegd. We geven ze nog even de tijd.

Vorig jaar deed Saar de uitlopende teentjes van de Proven?ßaalse knoflook in de grond, want wat moet je er anders mee? Er kwamen vrijwel onmiddellijk groene sprieten omhoog, die de keer daarop alweer verdwenen waren.
Tant pis, dachten we, tot we dit voorjaar onverwacht dikke gezonde stengels zagen. In mei trokken we er ?©?©n uit de grond, maar dat leverde niet meer dan dezelfde teen op. Nu, twee maanden later barsten de bollen de grond uit. Je weet niet wat je proeft.
Ja, knoflook.

Zaterdag – dat is alweer 4 dagen geleden – was Jean Pierre tenslotte bezig met rollen hooi maken. Toen ik geluid hoorde, holde ik de wei op met mijn hark, klompen en schort en kon gelukkig nog net de laatste stapeltjes gedroogd gras helpen draaien, waar hij met zijn machine niet bijkon. Zijn grootmoeder Germaine met hoedje en antieke hark stond stralend op het land. Haar dochter (JP’s moeder) en ik deden het werk. De dames spraken onderling patois en elke keer als Germaine mijn blik ving, vroeg ze gretig:”En? Versta je het?”.
“He? Natuurlijk niet!”
Nu spreken de dames met zo’n accent dat in mijn oren het patois bijna niet van het Frans is te onderscheiden, ik bedoel soms zijn die klinkerwisselingen niet meer te herleiden, maar verder is het zo ongeveer nog wel te volgen. Ze praten trouwens nergens anders over dan over het weer, of ze naar huis moeten, of de kippen moeten eten, dat het vorig jaar zo droog was en nu zo nat, de sneeuw van februari, dus inhoudelijk is het zelfs wel zo’n beetje te raden. Germaine legde me het semantisch allemaal uit en liep na afloop het allersteilste weggetje af naar beneden. Dat doet ze al zo’n 86 jaar, dus waar maak ik me druk om, maar toch kreeg ik er licht de zenuwen van. Een zandpaadje met keien. Als het geregend heeft, is het spekglad.

Toen ik de volgende dag op weg naar het station aan haar klein-schoondochter (of hoe je dat noemt) mijn bezorgheid uitsprak, beaamde ze die met een zekere berusting.
“Maar wat kun je er aan doen? Ze loopt al haar hele leven dat paadje af. Ze vindt de hooitijd de heerlijkste tijd van het jaar, ze wil er deel van uitmaken.”
Ja, dat is ook weer zo, groot gelijk.

We stapten in de trein, waren in drie uur in Parijs, dronken daar een kopje koffie, reden in een bijna lege metro naar Gare du Nord en kwamen daarna met bijna een uur vertraging aan in Amsterdam, omdat er in Brussel geen treinpersoneel was. Wat? Ja echt.
En nu maar weer wachten tot we weer mogen. Vandaag nog maar twee weken. Neen, het valt reuze mee.
Laatste reacties