Tweelingen II

Gisteren was ik uitgeschakeld, maar waardoor, ik zou het niet weten. Een zonnesteek, dat denk ik, of de hondjes hebben de goena goena ingeschakeld na die helse wandeling van donderdag. Ze hadden pech, want vandaag moesten ze weer.

We liepen eerst naar dat weiland waar ik een oogje op heb en waar de oude spoorbaan dwars doorheen gaat, realiseerde ik me toen ik deze foto nam. Links is de dijk van het ?¬©tang, daarachter staan die paarden. De rij bomen, dat is de spoorbaan geweest. In dat aanpalende dorp heb je nog een mooie spoorbrug, waar bijna niets van te zien is. De trein dook daar de diepte in, die diepte is er nog, alleen hebben de bewoners er een vuilnisbelt van gemaakt. Waarom in godsnaam? Zo’n aantrekkelijk dorpje met loslopende kippen, een paar ezels en die prachtige stenen spoorbrug, met achter de coulissen ouwe troep, stukken auto, een kachel, dozen rottend ooft enzovoorts. Pleurt het maar in die kuil of ernaast. Het is stukje spoorbaan van 20 meter.
Ze hoeven er geen toeristische trekpleister van te maken, liever niet, maar zo’n armoedige klerezooi, jammer. Ik ben niet boos, ik ben verdrietig.

Bij de brug kwam ik een meneer tegen met een emmertje met een bodempje graan. Die had zijn kippen gevoerd. Ik had zin in een praatje en vroeg naar de bekende weg.
– Liep hier de oude spoorbaan? Ik had net zo goed kunnen zeggen: heeft u een emmer met graan in uw hand.
Hij had een leuke gezonde boerentoet, met een intens vriendelijke uitstraling. Ja, die spoorbaan liep hier.
– Wandel je met je hondjes? Dat vroeg hij, ongeveer hetzelfde niveau dus. Na een beetje heen en weer geklets met meer van hetzelfde, vroeg ik of hij een korte route wist naar La Gare, maar dan niet over het asfalt. Dat was heel eenvoudig, eerste zandpad rechtsaf en dan alsmaar rechtdoor tot je het herkent en dan ben je zo in GP., het gehucht van de dierenfluisteraar en dan alleen nog de berg op. Heuh? Hoe wist hij waar ik vandaan kwam?
– U komt hier toch altijd langs? Ja, in de eend. Inderdaad, in de eend. Nou moe, ze weten hier alles.
РHet is ongeveer 3 ?† 4 kilometer, maar u bent nog jong, dat lukt wel.
U bent nog jong. Hoe oud was hij dan helemaal?

Kwint op het zandpad

We vonden het pad en werkelijk, een fantastische wandeling, een kronkelende zandweg met koeien in die merkwaardige afwisseling van bos en weiland. We konden af en toe de bomenrij van het spoor aan onze rechterhand zien, begeleid door het luide gekwetter van vogels. Ik moest ervan zuchten, zo heerlijk.

een tweeling!

In een andere wei van de dierenfluisteraar stonden de jonge moeders, waarvan er ?©?©n twee kinderen had, die ongelooflijk hard smakkend aan het drinken waren. Bess wilde de wei wel ingaan. Hoe dom kun je zijn, Bess? We waren er bijna.

De buurman B., die altijd aan het werk is, ook deze keer, vertelde dat die halve gare met z’n opinel weer was langs geweest, nu met drie honden. Oh nee, ik zal toch geen stalker hebben? Niet te verwarren met follower bij twitter.
– Zou die man wel helemaal goed zijn? Ik was lekker bezig met overbodige opmerkingen.
РMoiti?©, zei de buurman.
Woensdag is het Saint Jean en dan is de jaarlijkse mis in de chapelle de Mas St. Jean, dat eeuwenoude kabouterkapelletje onder de evenzo oude linde. Of ik ook ging, de oude tweelingdametjes kwamen ook. Dat wilde ik altijd al eens meemaken, de hele commune verzameld onder die linde in de buitenlucht.
Toen ik de deur van de schuur dichtdeed, vloog er een zwaluw uit, die later via een spleet weer naar binnenvloog. Ook dat nog! Een zwaluw in mijn schuur. Iets mooiers bestaat er niet.

zelfgemaakte zwaluwfaciliteit
Zelfgemaakte zwaluwfaciliteit

Ik had al overwogen de bouwwerkjes van (de vader van) Jean-Pierre na te bouwen om ze te lokken.

2 thoughts on “Tweelingen II”

Comments are closed.