
Het volle strand van de Creuse
Hoe andere mensen dat doen, weet ik niet, maar ik kan geen stukjes schrijven als er gasten zijn. Dat heeft niets te maken met tijdgebrek, maar met gebrek aan denkruimte. Boodschappen, vermaak, autorijden, zorgen, praten, koken en hopla, de dag is weer voorbij. Morgen, denk ik dan, morgen.
Nu had ik net op tijd de sanitaire verstoppingen in orde, dus iedereen was weer welkom. Maar hoe lang heeft het nu niet geregend? 15 juni motregende het, lees ik op mijn eigen weblog. Er is al bijna een maand geen druppel gevallen en het ziet er niet uit dat dat binnenkort gaat veranderen. Gieters sjouwen en sjouwen is het enige dat erop zit. Sla serveren zit er even niet in.
Gisteren ging ik met de drie meiden (Yeva en twee gastzusjes) in de eend naar de rivier, voor het eerst dit seizoen en gelukkig was er niets veranderd, hetzelfde fijne suffe strandje van altijd, sans stress, een beeldschone rivier en drie meisjes die zwommen, speelden, doken, vissen joegen en plezier hadden. Ik probeerde mijn nieuwe boek te lezen, de Rabbit Tetralogy van Updike, leuk geprobeerd, Elz, maar dat ging niet. Ik blijf – eeuwig bezorgde moeder – altijd maar kijken of alles goed gaat.
Ach, dat strandje met die rivier, laat dat toch altijd zo blijven.

3 citroentjes
Bij Valdipneus, waar we langs rijden op weg naar de boodschappen, werd een stokoude eend opgeknapt. Ik kon me niet beheersen en moest een praatje maken. Mee dat ik mijn eigen 2cv parkeer, komt er een Ami 8 het terrein oprijden. Dat was werkelijk toeval. De eend – een van de eerste modellen – was van Valdi zelf en werd klaargestoomd voor de 2cv-meeting op 12 en 13 juli in Ahun, die nu alweer voor de derde keer wordt gehouden. Ik zou er alleen al voor de adresjes en andere netwerkhandigheidjes naar toe moeten. Daar moeten we morgen een beslissing over nemen en gaan we 14 juli naar Gu?¬©ret om de Tour langs te zien komen?
Ja, dat zijn allemaal zo van die problemen waar wij nu mee kampen. En dan heb ik niet over septische tanks of d?©brousailleuses. Of die loir die nu uit de balk boven de garderobe verschijnt. Wat? Een loir? Wat doet dat beest daar in godsnaam? En hoe krijgen we hem weg?
Wordt vervolgd. Neen, het valt niet mee, zo op het Franse platteland.