Lampionnetjes

Van Knorretjes familie kregen we een boeket, dat wel drie weken aantrekkelijk bleef. Toen het echt op was, heb ik de takken van de lampionplant apart gehouden om die in het voorjaar in Frankrijk te planten, althans de zaden van de bessen die in de lampionnetjes zitten. Op dezelfde manier ben ik ooit aan de goudsbloemen gekomen. Die zijn via een bosje van acht of negen jaar geleden en de twee volkstuinen, in Frankrijk terechtgekomen.


Physalis alkekengi

Vorige week bleef ik in de Bibliotheek bij de Spanjekast hangen. (Vandaag is de bieb onbereikbaar vanwege de Dam-tot-Damloop)
Van het boek Spanje, een reisgids van Rik Zaal dacht ik dat het gewoon in mijn kast stond, maar ik zal het wel weer aan een onbetrouwbaar sujet hebben uitgeleend. Dat doe ik bijna nooit meer, iets uitlenen. Je krijgt het gewoon nooit meer terug, maakt niet uit wat. Boeken, kleren, tenten, rugzakken, borden, soeplepels, schoenen, tuingereedschap, pennen, servies, schaatsen, om maar eens wat willekeurigs te noemen. Weg. Alle exemplaren uitgeleend, zei de computer. Inderdaad.

Dat boek van Zaal is denkelijk uitverkocht en bij Kok (tweedehands boeken) vond ik nog wel Leve het Toerisme. Uit de bibliotheek had ik van Cees Nooteboom De omweg naar Santiago. Rik Zaal kan schrijven en is ook leuk. Jammer genoeg is hij niet dol op de Franse horeca en niet op Frankrijk in het algemeen. Dat komt misschien ook, omdat hij nu eenmaal verliefd is op Spanje.
Maar die Nooteboom, ik weet het niet. Er valt eenvoudig niks te lachen in die boeken. Na een kwart pagina verlies ik mijn belangstelling. Hij schrijft af en toe een beetje “mooi”, ook al zo irritant en noemt teveel namen in 1 alinea. Hij zou iets meer van zichzelf moeten prijsgeven, maar het is allemaal zo Serieus en zo Literair.
Echt, ik verveel me dood als ik een boek van Cees lees.

OBA

“Een bezoek aan het hypermoderne gebouw moet vooral een belevenis zijn, vindt OBA-directeur Hans van Velzen.” Ik citeer uit allerlei Google-hits. Zondag ging ik even een boekje lenen (Spanje, een reisgids en Onderweg van Rik Zaal, waarover later meer) en ik viel met mijn neus in de boter: Appie Baantjer vierde zijn 84ste verjaardag. Werkelijk waar, een belevenis. Die auto’s waren wel aardig. En Baantjer zag er nog patent uit, vooruit dan maar. Veel last had ik er niet van. Ik klink wel een beetje zuur, haha.

Kaasschaaf

Ik had twee weken geleden voor de export bij de biologische winkel in de Nieuwe Kerkstraat twee stukken van de allerheerlijkste kaas gekocht (oud en extra belegen), die ik vervolgens niet heb uitgedeeld omdat ik ze volkomen was vergeten. Die kaas is eerst naar Zuid-Frankrijk gevlogen en via de Creuse met de auto (twee auto’s) weer terug naar Amsterdam gereden.

Een beetje dom inderdaad, maar ik zat ondertussen met die kaas in mijn maag, dus ik dacht gisteren, kom, een gevuld paddestoeletje uit de oven met een beetje gesmolten kaas, dat lijkt me wel.
Aan de boedel van opa Schijf heb ik ooit een hele goede schaaf overgehouden, die door een wonder nog steeds in mijn laatje ligt na talloze verhuizingen. De kaasschaaf is een symbool van Hollandse schraperigheid, geef ik toe, maar deze geeft dikke plakken en dient ook als komkommerschiller, taartschep en pannekoekmes, een hele handige keukentool.
Ik sneed de eerste plak af en AUWW! kaasschaaf dwars door mijn duimnagel. Een gruwelijke pijn en een bloedbad en daarna bleek ik plotseling ook niks meer te kunnen. Probeer maar eens de piepkleine knoopjes van je overhemd dicht te knopen zonder er een bende van te maken. Dat gaat niet. Of een wc-bril vervangen, onmogelijk.

Lachen


Cadeautje van Siebe S.

Ik hield vorige week een beetje nonchalant die prachtige camera achter me en drukte af. Het is nu bijna niet voor te stellen dit ik daar gewoon zat, in de schaduw van de plataan en deze parasol, die ik om de tien minuten moest opeisen, want bij elke nieuwe klant werd hij verplaatst. Die zon daar is meedogenloos.

Zaterdagmiddag reden Kees en ik na de lunch bij de Portugees naar Remke haar camping. De weg leidde eerst een tijdje langs de Middellandse Zee en na Narbonne ging hij de bergen in. We passeerden olijf- en veel wijngaarden, waar de donkere trossen rijp hingen te hangen. Onderweg zagen we een enorm 2cv-kerkhof, waardoor ik een tijdje verbijsterd bleef nastuiteren. Ik stuiterde toch al meer dan normaal, vanwege de sfeer, de zon, de stad en de mensen daar, want tjongejonge, wat was dat allemaal aan me besteed! Dat kerkhof moet ik eens op de satelietfoto opzoeken. Was het nou voor of na Narbonne?


Een heerlijke plek

We werden op de camping ontzettend gastvrij ontvangen en ik heb gehuild van de pret. We reden in het donker terug, nog nahikkend van het lachen.


Een cactus in de tuin bij de buren

De volgende dag vertrok ik met mijn ex-collega Peter en zijn broer, die me – heel hartelijk – een lift gaven via de brug van Millau en Clermont-Ferrand tot Montlu???ºon, waar Siebe me weer op stond te wachten. Zo zat ik gewoon weer in mijn eigen huis in Frankrijk. De buren waren zeer te spreken over het perkje dat ik voor onze schuur had aangelegd. “Zo ziet hij er niet meer verlaten uit.”

Ik was zelf ook niet ontevreden. Wat een week.

Naschrift: Dankzij Anne-Lise heb ik naam en adres, url ?¬¨?Ün een foto:

Geoportail van IGN.fr had in tegenstelling tot Google Earth een satelietfoto gemaakt zonder wolkjes: