
Ik kan me nog zo voornemen om het niet te doen, maar neen, ik trek me niks van mezelf aan: ik kweek weer veel teveel en veel te grote overbodige planten.
De vensterbank is er zo geschikt voor, daar komt het door.
Die canna moet ik nu eindelijk uit logeren sturen, dat had ik vorig jaar al bedacht. In plaats daarvan kweek ik er een tweede bij, die gelukkig door de spint is gegrepen. Dat heeft de groei een beetje gestuit.
Verder kijken we (de meisjes en ik) vertederd naar de baby-oleandertjes, die er gewoon als oleanders uitzien, maar dan in dwergvorm. Wat moet ik ermee? In grotere potten zetten en de buren vragen om ze in de zomer water te geven.
Of weggeven, tijdens 15 augustus op de brocante, want we gaan het dit jaar weer eens een keer proberen. Ik neem nu geen stroopwafels mee, maar de ouwe troep uit boedel van oma en haar zus. Die staat in de weg en verzamelt stof. Merkwaardige schaaltjes en glazen, Swarovski, dat werk. Bij aankoop van 1 stuks Swarovski een oleander cadeau.

In de Franse tuin kon ik de peterselie niet meer terugvinden, tot ik alle wilde peen eruit had gerukt en ik hem terugvond, in bloei en verpletterd door de anderen. Einde verhaal.
Daarom staat er nu weer een Nam Kee-bak met kleine peterselietjes. Zo blijf ik aan de gang.

De moeder van al die oleanderkleintjes heeft al vanaf maart de smaak te pakken en bloeit non-stop. Gelukkig is er weinig kans op bevruchting als ze binnen blijft staan. Anders moet ik volgend jaar weer. Ik ga het me nu echt streng verbieden.





