
Uit:Google streetview
Een paar dagen geleden stond ik hier stil, terwijl een ouder echtpaar – duidelijk niet van hier – probeerde over te steken. Ze werden geschept door een vrouw op een fiets, die al door rood was gereden, niets bijzonders en de aggressie die uit die vrouwt spoot, omdat ze gehinderd werd door twee brave toeristen, die was ook niets bijzonders. Ik schaamde me plaatsvervangend.
Fietsers in Amsterdam, erger bestaat niet. Die denken dat ze overal recht op hebben, rijden altijd met doodsverachting op plekken waar ze niet worden verwacht, liefst in het donker zonder licht tegen de richting in op de A10, en zijn razend als er ook maar iets of iemand in hun weg staat, auto’s, bussen, voetgangers, begrafenisstoeten, andere fietsers. Schelden, tieren, razen, middelvingertjes en vertrokken bekkies van woede, niet om aan te zien.
Ik zei een keer: weet je wel hoe lelijk je bent als je zo’n gezicht trekt, moest ik maken dat ik wegkwam of ik had een vuistslag midden in mijn gezicht gekregen.

Onze favoriete winkel ook op Google streetview
Om al dat laakbare gedrag van mijn fietsende stadgenoten enigszins teniet te doen, ben ik altijd erg behulpzaam met de wegwijzen. Nu vragen ze altijd hetzelfde, ik kan althans een top zoveel aanleggen van locaties.
Anne Frankhuis. Red Lightdistrict (giechel, giechel). Binnenkant. Rembrandthuis. Oude Waal. Kromme Waal. Hemelse Modder (restaurant). Oude Schans. De Dam. Krom Boomsloot. Het Station. Hoe Kom Ik Deze Stad Uit. Hoe Werkt De Parkeermeter. Enzovoorts.

Onze favoriete hangplek tegenover de boekwinkel ook op Google streetview
Ik geef antwoord en vertel als een echte gids een paar bijzonderheden die ik van Geert Mak heb. Ze moeten me altijd hebben, dat komt misschien omdat ik iets vaker dan gewone mensen over straat wandel. Fransen zijn nooit, ik herhaal, nooit verbaasd dat je hen in hun eigen taal antwoord geeft. Dat vind ik altijd bijzonder vermakelijk.
Maar gek dat Google Streetview de Binnenkant en de twee Walen niet heeft gefotografeerd. Misschien was de weg geblokkeerd, dat gebeurt daar heel vaak, iets dat de fietsers weer flink in woede doet ontsteken.
Ik liep eens over de parkeerplaats in Louhans, te folderen voor een vlooienmarkt. Aan niets viel af te leiden dat ik geen Fransman ben, behalve dan misschien mijn postuur. Komen er wat Hollanders op me af die vragen (in het Nederlands) “Waar is de markt.” Ik zeg (eveneens in het Nederlands): “Daar rechts door dat tunneltje.” en zonder blikken of blozen vervolgden ze hun weg. Alsof het doodnormaal is om in je moerstaal antwoord te krijgen van een wildvreemde op een Franse parkeerplaats!
Een mutatismutandisgevalletje, echt bizar, toch?
Alleen ?©?©n keer in http://www.caulils.com/ in de Haarlemmerstraat in A’dam, kwekten de baas, ik en een paar Fransen vrolijk over eten en die Fransen zeiden: Iedereen spreekt Frans in Nederland!
Dat was nu weer overdreven, want het was natuurlijk niet een doosnee publiek, daar in Caulils met verrukkelijke waar, kazen, worsten, wijnen, enz enz.
Afgelopen zomer kwamen we in Normandi?´ de Google-auto 2x tegen. Dus, wie weet.
Aan onze vader werd ook altijd de weg gevraagd, in Den Haag maar ook in Parijs en Rome. Aan mij ook. Ik denk dat wij vertrouwingwekkende hoofden hebben. En de mensen zijn nooit teleurgesteld omdat ik altijd vriendelijk en behulpzaam ben. Ik zie ze denken: Wat een aardige mensen die Nederlanders. Daar doe je het toch voor.
He, mij wordt in Parijs ook altijd de weg gevraagd, zoals in 1994, toen ik zwanger en wel wachtte op de trein waar Robertine en een 2-jarige Mees mee zouden aankomen. Ze staakten in Brussel, dus dat duurde eindeloos. Geen mobiele telefoon.
Ik heb toch een Hollandsche kop, vind ik zelf.