Mooiste boekomslag


Dog and Pony, ontwerpers van het Mooiste Boekomslag 2010

Een klein verslag van de activiteiten van gisteren: ik was aanwezig bij de verkiezing van Het Mooiste Boekomslag 2010 en winnaars waren de ontwerpers van Dog and Pony, die na een kleine Google-expeditie van mijn kant in het voormalige Oibibio (aka Oininio) blijken te zitten, het Mercuriusgebouw aan de Prins Hendrikkade, waar zich tegenwoordig ook het enige AH-filiaal met een kroonluchter in de winkel bevindt.

Wat is de wat
Winnend omslag “Wat is de wat” van Dave Eggers

De shortlist waaruit de winnaar gekozen werd, was samengesteld door een jury van boekhandelaars en de winnaar werd vervolgens bepaald door de stemmen van alle boekverkopers, die (waarschijnlijk) een abonnement hebben op Boekblad of misschien wel alle abonnees, dat weet ik eigenlijk niet.
Ik surfde voor meer informatie naar de site van de Best Verzorgde Boeken, niet te verwarren met deze boekomslagverkiezing. Die site begrijp ik niet. Behalve dat hij niet werkt in Firefox en niet wordt bijgehouden, ziet hij er zo ontzettend 1.0 uit. Gaat dit over ontwerpen? Waarom brengen ze die niet onder bij de CPNB of maken ze een andere? Vergeten en/of geldgebrek, dat moet het zijn.

De sprekers waren geestig, snel en glashelder. Dingeman Kuilman van Premsela liet bijvoorbeeld met een listig pdfje op de beamer zien, hoe het ontwerp van de omslag de verwachting van de inhoud van het boek bepaalt. De tekst van de titel bleef ongemoeid. Het font, de kleur, een kader met een randje, wel of geen foto, laten je denken: h?©, een bestseller, een dichtbundel, een literaire thriller, een historische roman, de nieuwe *naam van de schrijver* enzovoorts. We stonken er allemaal in, zo eenvoudig leek het.

Na afloop discussie in caf?© Schiller op het Rembrandtplein. Zo kom je er nooit, zo zit je er wekelijks. Wat daar verder besproken werd, gaat niemand iets aan. Discretie verzekerd. Foto o.e.r.

De komende tijd ben ik alleen nog maar in culturele kringen te vinden, toneel, toneel, film en verschillende voordrachten, en dan is het weer eens tijd voor een reisje naar het beloofde land.

De genomineerden:
Maarten van der Weijden ‚Äö?Ñ?¨ Beter (Ambo, ontwerp Studio Jan de Boer)
Herman Koch ‚Äö?Ñ?¨ Het diner (Anthos, ontwerp Roald Triebels)
Paul Auster ‚Äö?Ñ?¨ Onzichtbaar (De Arbeiderspers, ontwerp Studio Ron van Roon/Bart Rouwhorst)
Peter Terrin ‚Äö?Ñ?¨ De bewaker (De Arbeiderspers, ontwerp Studio Ron van Roon)
John Manning ‚Äö?Ñ?¨ Het vingerboek (Athenaeum, ontwerp Anneke Germers)
Rob Wijnberg ‚Äö?Ñ?¨ Nietzsche & Kant lezen de krant (De Bezige Bij, ontwerp Dog and Pony)
Willem van der Ham ‚Äö?Ñ?¨ Hollandse polders (Boom, ontwerp Ren?¬© van der Vooren)
Dave Eggers ‚Äö?Ñ?¨ Wat is de wat (Lebowski, ontwerp Dog and Pony)
Ton Anbeek ‚Äö?Ñ?¨ Vast (Podium, ontwerp Studio Ron van Roon)
Wilfried de Jong ‚Äö?Ñ?¨ De man en zijn fiets (Podium, ontwerp Studio Ron van Roon)
Saskia de Coster ‚Äö?Ñ?¨ Dit is van mij (Prometheus, ontwerp Dooreman)
C.O. Jellema ‚Äö?Ñ?¨ Een web van dromen (Querido, ontwerp Anneke Germers)

Wees gegroet, Maria

moeder van God, bid voor ons, nu en in het uur van onze dood
Moeder van God, bid voor ons, zondaars, nu en in het uur van onze dood

Dit zeiden de nonnetjes die op 10 december 1962 in het Westeinde-ziekenhuis in Den Haag de hele nacht voor mijn vader genade afsmeekten. Hij beweerde achteraf dat dat had geholpen, de ongelovige, en verzon er ter plekke nog meer apocriefe zaken bij.
Dat hij het ongeluk overleefde – met zijn fiets onder een vrachtwagen – was een wonder en je zou bijna denken dat die nonnen toch iets voor mekaar hadden gekregen. Aan de andere kant, als je dan gelooft, waarom moest die arme man dan eerst onder die vrachtwagen komen? Daarover later mee.

Ik heb een vraag: als Maria dan toch bezig is, zou ze dan ook in een moeite de eenzame drinkers kunnen redden, die ‘s nachts over de digitale snelweg dolen? Ik vind ze een beetje zielig en ik ben bang dat ze met hun dronken harses onder een auto komen.

Nordic walkers

De enige paal op het strand is de pispaal van Kwint
De enige paal op het strand is de pispaal van Kwint

Het was grijs en koud op het strand. In het zand konden we de sporen van de noddik wokkers zien. Ik probeerde het tempo na te doen door mijn armen te bewegen op het ritme van de gaatjes. Zo! Die waren stevig doorgelopen!
In de verte galoppeerden heel merkwaardig drie IJslanders, maar het waren onmiskenbaar IJslanders. Ze keerden jammer genoeg niet om.

Model monast?®re

Model monast?®re
Model Monnik

We vroegen een aantal jaren geleden eens aan de buurman of hij toevallig wist hoe we aan stro voor de cavia’s konden komen.
– Stro, stro, zei hij, wat moet je met stro, houtsnippers is veel beter.
Dat moesten we beamen, maar omdat we dachten dat we in het middeleeuwse gedeelte van Frankrijk zaten, vroegen we naar stro.
– Dat kun je in de Intermarch?¬© kopen, zei hij. We schrokken van deze nuchtere praat.
Maar, of we hem wilden volgen, want hij had misschien nog wel wat liggen in z’n werkplaats.

We liepen naar de schuren, passeerden de vleeskippenren en het oude huisje van oom Octave.

Houtwerkplaats

Bij het openen van de deur fladderden de zwaluwen op en vlogen rakelings langs onze hoofden. Hun nesten zaten in de hoeken van het lage plafond. De vloer van de werkplaats was bedekt met een halve meter houtsnippers.
– Tast toe, zei buurman.
We vroegen wat hij gemaakt had, dat zoveel snippers had veroorzaakt. Nou, dat was een tafel voor z’n dochter geweest, een eikenhouten tafel, wacht, hij had een folder.
Het was de aanbieding van een meubelfirma die verschillende types eettafel leverde, waaronder de monast?®re, een kloek model waar je nog minstens 500 jaar plezier van kon hebben.
– Hij is drie meter lang!
Hoe zwaar was die wel niet, vroegen we, een tafel van eikenhout en drie meter lang.
– 200 kilo!
Nou, nou, ongelooflijk. En hoe was die tafel helemaal in N. terechtgekomen, waar zijn dochter woonde?
Met de trekker van Jean-Pierre, een andere mogelijkheid was er niet geweest.
We waren diep onder de indruk en stelden ons die tafel voor, hoe die bovenop een agrarische remorque door dat boerenlandschap was vervoerd en de verbazing had gewekt van de mensen die hem in de verte boven de hegjes zagen voortglijden.

We vertrokken met een grote vuilniszak vol houtsnippers. En niet zomaar houtsnippers, eikenhouten houtsnippers. Wacht even, wacht even, kon je niet piepkleine zakjes eikenhout bij Duikelman of Kokenenzo kopen, om zelf zalm en andere luxegoederen te roken? Verdomd, 8,95 voor smoking chips met de smaak oak.
Een kassabel begon in de verte te rinkelen. Eerst naar de Intermarch?¬© om houtsnippers te kopen en dan een hippe verpakkingsontwerper en een afzetgebied zien te vinden. De winst gingen we natuurlijk delen met de buurman. De cavia’s moesten zich maar even behelpen met grenen.

Dagelijks leven in Frankrijk