Opruiming 2

Ik had me voorgenomen om de eerste verdieping van de schuur van stro te ontdoen, althans om daar een beginnetje mee te maken. Met de hooivork en Frans-huisvrouwenschort aan smeet ik de boel in de kruiwagen beneden. Hola, het was wel zaak de kruiwagen af en toe leeg te gooien.
Ik leegde hem een paar keer op plaatsen van het terrein waar ooit de meeste brandnetels stonden en kwam er vervolgens al snel achter hoe het strobeleid van de vader van Lucienne (van het bezoek van gisteren) was. Al het stro is bovenop fagots gegooid.
Wat zijn dat, fagots? “Un fagot est un faisceau de petit bois, de branchages.”, zegt de Franse wikipedia. Dat zijn dus takkenbossen, waarmee ze al eeuwen in dit land de broodoven opstoken. Dat woord faisceau komt natuurlijk uit het Latijn, fasces en daar hebben de fascisten het weer van, realiseer ik me.

De vader van Lucienne heeft daar een gigantische verzameling van aangelegd, allemaal keurig netjes dichtgebonden met een stukje ijzerdraad, de eerste en de tweede verdieping helemaal tot de nok volgestouwd. En dan daar weer bovenop dat ouwe rotstro. Een hele schuur vol.
Wat moet ik daar nu weer mee? Ik heb ?©?©n bos aangebroken om de kachel aan te maken en als ik zie hoe weinig ik daarvan nodig heb, schat ik dat ik de rest van mijn leven genoeg aanmaakhout heb.

Wacht even, we hebben zelf ook een four à pain! Alleen zit die nog steeds achter het behang in de salon. Dat ding tevoorschijn halen is weer een heel nieuw project ter grootte van een verbouwing. Dat moet nog maar even wachten.
Tussen het stro lag ook een bos gedroogde varens. Die gooide ik net in z’n geheel op de vuurplaats van gisteren. Dacht ik toch dat de regen definitief een eind aan de fik zou hebben gemaakt, zag ik dat alles na 3 minuten weer in vuur en vlam stond. Australische toestanden!


De varenbos leek precies op de Vesuvius

Morgen ga ik een volgende lading doen. Nu eerst even lunchen en daarna eindelijk eens een beetje huishouden in de wildernis die bij de grange hoort. Hee! De zon.

Even gegoogled, misschien, neen, zeker eindig ik zo:

Opruiming

Alweer werd ik om 07:15 wakker en om 09:00 had ik mijn fik mbv een scheut benzine, een paar ouwe kranten en een doorgezakte stoel zo aan de praat. Dat ging de vorige keren veel moeizamer en daarom miste ik de spectaculaire beelden van de brandende stoel, die staan alleen op mijn netvlies en niet op het kaartje van de Leica. Uit een soort truttige voorzorg lag de camera binnen: het was een beetje vochtig buiten en het vuur zou toch niet meteen doorzetten. Dat deed het wel.

Tot 12:30 liep ik te sjouwen met de troep die we in een jaar hadden verzameld, irritante onhandige dunne takken, waar nog hardnekkige stukken braamstruik aanhingen. Alles is nu weg.

Daarna moest de Bourguignonne worden opgezet, geluncht, restant vuur gecheckt en de Eend aangeslingerd. Die start als een auto uit 2009, zodra ik de luchtbel uit de benzineleiding heb verwijderd.
Even naar mevrouw G. voor melk en room met lege flessen en glazen potje.
Ik moest grotere potten meenemen, zei ze en vulde een gigantische ouwe jampot met die lekkere vette room.
– Melk kun je niet krijgen in de supermarkt, zei ze, toen ik weer hoog had opgegeven over de uitmuntende kwaliteit van haar zuivelproducten, daar verkopen ze alleen chemische troep.
– Ben je nog werkloos? vroeg ze heel attent en reageerde verheugd toen ze van mijn activiteiten hoorde. Ondertussen speelde ik met de nieuwe pup, een soort bordercollie van een maand of 5. De oudste hond was dood (crev?¬©e), dit was een nieuwe.
– Wat een leuk herdertje, zei ik, die kan heel knap op schapen passen.
Die hadden ze niet, maar het diertje had al blijk van talent gegeven: koeien hoeden deed het als de beste.

Op de terugweg reed ik zoals altijd langs Lucienne, die haar dochter gelukkig een tijdje over de vloer had.
– Anders zit ik maar elke dag te wachten, zei ze, tot er weer een dag voorbij is. De tijd kruipt voorbij.
Ze treurde weer even om haar man met wie ze in 2007 60 jaar was getrouwd. Bij het afscheid gaf ze me een salvo van bises, terwijl we elkaar stevig omhelsden. Van zo’n dag word ik wel heel blij.

Kijk even naar hetzelfde plaatje uit mei 2005, “man tussen brandnetels”.

Ontspannen


Einde verhaal

Sleep ik dat ding bijna 900 kilometer door Europa, zak ik er doorheen! Weg met die ellende. Hij was kennelijk al in ongare staat langs de kant van de weg gezet en heeft tot gisteren de schijn opgehouden.
Ik heb nog een hele stapel troep te verbranden, dat ga ik morgen eens lekker doen. Kan ik die stoel als aanmaakhout gebruiken. We hebben ook nog een zolderverdieping met stro uit de oertijd. Dat zou je kunnen verbranden, maar ik verspreid het over ons landje, dan verdwijnt het vanzelf.


07:25 uur

Ik was vanochtend om 07:15 klaarwakker, dus ik was de pineut qua boodschappen doen. Dat is hier helemaal niet erg met al die hartelijke middenstanders. En je moet geen haast hebben, zoals al eerder gezegd. Bij de slager waar het op zondag meestal heel druk is, was nu ?©?©n mevrouw voor me. Omdat ik nog met mijn hoofd in de hysterische stresskeet van de stad zat, dacht ik, mooi, lekker snel klaar.
Ho, ho, zo gaat dat niet! De mevrouw bestelde een rollade, die daar voor je neus in elkaar wordt gestoken. De slager heeft een rolletje kookgaren boven z’n werkblad hangen en knoopt al kletsend bijzonder behendig zo’n rolladetje in elkaar.
Ik realiseerde me dat ik (gelukkig) niet in Amsterdam was en bestudeerde het proces nauwkeurig, wat ook weer onderdeel van het ontspannen plattelandsleven uitmaakt. Wat een gruwelijk scherpe messen heeft die man toch, die zelfs de plastic folie met gemak doorklieven. Zo bleef ik een tijdje zoet.

Bij de Intermarch?¬© zocht ik me suf naar de karretjes (“Il n’y a plus de caddys?”), want de parkeerplaats ligt op de schop. Wat ze daar nu van plan zijn in deze tijden van crisis? Er verrijst een nieuwe gebouw naast de oude aftandse supermarkt. De dames van de kassa zitten altijd op de tocht bij de automatische deuren, waar ze luidkeels over klagen, als je er iets van zegt.
Toen ik weer buiten stond met mijn spullen, was de omgeving in een dikke mist gehuld, en die is de rest van de dag blijven hangen.


De nieuwe schuur komt weer een beetje tevoorschijn

Gisteravond was de hemel helder en wie kwamen er weer langs? De kraanvogels! We hoorden ze wel, maar zagen ze niet, eindeloze hoeveelheden vlogen over ons huis met smartelijke kreten. Gingen ze noord- of zuidwaarts? Dat zoeken we even op.
Wat ook wel heel heel erg stressloos is, is dat ik hier zomaar kan zijn zonder dat een of andere eikel met veel gezeik, misbaar, hoofdschudden en onwil me schoorvoetend toestemming geeft om een weekje op vakantie te gaan. Wat een intens genot om daarvan af te zijn, zeg. Hoera!

Dagelijks leven in Frankrijk