Elke ochtend een uurtje heg

Elke ochtend snoei ik met de elektrieke heggeschaar een stuk van het uitzicht erbij. Na een uur kunnen mijn kantoorpootjes dat ding niet meer omhooghouden. Ik heb al ?©?©n elektrosnoer doorgezaagd (voor de tweede keer). Hieronder kun je van dichtbij zien wat er in de verte gebeurt.

Niks dus, ze staan in de schaduw en herkauwen een beetje.

Verder heb ik gisteren in de ALDI een schitterend tafelkleed op de kop getikt. Het is behalve goedkoop, ook nog eens fraai afgebiest ook nog.

Nu gaan we het restaurant in St. Sulpice weer eens proberen, dat van eigenaar is veranderd. We gaan met de eend, want we willen niet weten dat we Nederlanders zijn.

Grote honden


Bess in haar eentje tegen de grote, boze wereld

Toen we in 1968 verhuisden van Den Haag naar Voorhout, hielp tante Coby ons, de nicht van mijn vader. Tante Coby was in mijn ogen een reusachtige vrouw en ze was getrouwd met ome Gerrit. Volgens mij zeiden we gewoon oom Gerrit, maar ritmisch liep dat gewoon lekkerder, tante Coby en ome Gerrit.
Mijn moeder – een moderne vrouw – had in die tijd een plastic schort met ijzerdraad verstopt in de taille en het lijfje. Je hoefde alleen maar de grepen uit elkaar te buigen, en hup! daar zat het schort al als gegoten. Tante Coby noemde het schort oom Gerrit, als ze voor ons zorgde, wanneer mijn moeder weer eens tien dagen in de kraamkliniek verbleef. Ze dacht trouwens dat appelmoes groente was en wij maakten haar niet wijzer: had je de keus tussen andijvie en appelmoes, ha, geen probleem.

Ze stond op de dag van de verhuizing in de ouderlijke slaapkamer tussen de dozen naar buiten te kijken, met zicht over de weilanden tot aan de duinen bij Noordwijk, toen Bammie, mijn eerste hondje binnenkwam. Ze greep het beestje, wees naar de kudde blaarkoppen buiten en zei: Kijk nou toch, wat een grote honden!
Bammie, een half jaar oud, zag niks.

Naderhand zijn ze nog gebrouilleerd geraakt, maar waar dat over ging, geen idee. Er verdwenen wel vaker plotseling mensen van het toneel, die niet meer welkom waren. Tante Annie en oom Herbert, die helemaal geen familie waren. Die hadden een brommer.

Bess is met tante Coby eens, ze blaft als een bezetene: weg met die stomme poedels!

Even wennen

Een gedeelte van de koeien staat alweer in onze achtertuin, althans, ik zie alleen een stier, een koe en haar kalf.
– Hallo, mevrouw, zei ik en dat was de reden voor dat arme beest om er meteen vandoor te gaan. Jammer, want ik had haar en haar kind en man iets duidelijker willen fotograferen.

Voorlopig wordt er niks gedaan, door Siebe dan, niet gerend, noch gezaagd of iets wat een zekere inspanning kost. Ikzelf heb daarentegen al een hele heg gesnoeid, boven mijn macht nog wel, en daardoor kunnen we die koeien weer goed zien vanaf de tuinbank.

Kwint is van het keihard door ons dorp spurten zo moe, dat hij al om 20:00 uur bewusteloos in zijn kartonnen doos ligt. Die Bess mag ook los in de tuin, maar kan nog steeds de weelde van de vrijheid niet aan: ze verdwijnt altijd om de hoek als je even niet oplet. En aangezien ze niet het ruimtelijk inzicht van Kwint heeft, vrees ik dat ze op zo’n zelfde moment van onoplettendheid door de hoeven van de bende van vanochtend geplet gaat worden, omdat ze de uitgang van de wei niet meer weet te vinden. En omdat ze zichzelf gruwelijk overschat. Ze is een beetje dom, onze Belg.

Gevaarlijke bende door ons dorp


De koeien moeten worden inge?´nt en daarom worden ze van de kurkdroge wei naar de stal gebracht. Over drie dagen moeten ze weer. Raymond snapt niet waar dat allemaal goed voor is. Als ik mijn duim en wijsvinger over elkaar beweeg, bevestigt hij dat.

De eend sloeg net af, maar ik kon zijn vege lijf redden door hem in z’n vrij achteruit de berg af te laten gaan. Toen ze voorbij waren, startte die weer.
Raymond heeft het over “bande“: er komt zo nog een bande langs, hoor!

Verbrand gras


Twee weken niet gemaaid maakt geen verschil

De A1 was afgesloten, dat is de weg tussen Lille en Parijs, dus we moesten uitwijken naar Amiens, 65 km omrijden en vandaar door. Dat is een mooie streek, trouwens, Picardie denkelijk.
Vervolgens was er natuurlijk een ongeluk op de Boulevard P., waarbij de wachttijden zouden oplopen tot 50 minuten, als ik niet de dag daarvoor een alternatieve route op Bison Fut?©e had gevonden, zodat we konden ontsnappen aan de volgende file.

Het is kurkdroog hier, het gras is bruin. Binnen is de temperatuur opgelopen tot 25 gr Celsius. Een stenen huis met dikke muren, maar het voelt koel aan vergeleken met de hitte buiten. Ik heb iedereen alweer gezien, ook mevrouw G., waar ik melk heb gehaald.


Mijn Hollandsche splitter doet het

Nu even een middagtukje draaien, dan ben ik straks weer als nieuw. (Honden en cavia’s zien er erg gelukkig uit. Jammer dat de paardesla verpieterd is.)

Dagelijks leven in Frankrijk