Dingetje weg


Ik had dan wel een afspraak om mijn borsten te pletten, maar ik ben niet gegaan. Heeft het zin, zo’n bevolkingsonderzoek? Ik ben er niet van overtuigd. Zelfonderzoek en bij de minste afwijking naar de dokter. En vermijd het alternatieve circuit, als je niet meteen dood wil.
Dat moet je eigenlijk altijd doen, pis- en koffiedikkijkers vermijden. Gek genoeg dringt dat nog niet tot sommige groepen door. SYLVIA MILLECAM! Nou ja, dan niet.

Verder had ik vorige week een paar opzichtige en dus ordinaire oorbellen in, die tijdens de fietstocht naar kantoor dreigden uit te waaien. Ik stopte ze voor de zekerheid in mijn jaszak en toen ik ze thuis weer pakte, bleek het ene contradingetje weg. Heuh?
Ik kamde mijn jaszak helemaal uit, maar niks.
Zuig ik een dag later stof, zie ik dat dingetje plotseling op de grond in een houtkier liggen, op het moment dat het in de slang verdwijnt. Sajit!
Ik ruk de stofzak open en peur net zolang tot ik het dingetje vind. Hoera! Tevreden leg ik de oorbellen met beide dingetjes op het kleine plankje bij de wastafel en wat gebeurt er de volgende morgen? Bij het indoen van de lellebel, glijdt het dingetje eraf en verdwijnt met een elegante bocht in het gaatje van de afvoer. Wel nondemiljardendenondeju!
Ik moest de gootsteen volledig demonteren, want dat ding was op een onmogelijke plek blijven steken.
Ja, zo sla je de tijd wel stuk tussen de vakanties in Frankrijk.

En kan die verschrikkelijke James Bluntspot op TV niet verboden worden?

Ouwe wijven


Een lekker wijf?

De vraag is, moet ik aandacht besteden aan een truttenboek? Want Een kwestie van Lef van Joyce Roodnat is schokkerend truttig. Alsof de laatste veertig jaar niet zijn gebeurd, dit gebazel over wenkbrauwepileren, op je adem letten (“Niet kreunen!”), kledingadviezen (“Kies voor een blouse met een boothals, een pantalon die je billen accentueert…”) en een op te bouwen brillencollectie, om maar eens een willekeurige greep te doen.
Wie zegt er vandaag nog blouse of pantalon? Wie ziet er in godsnaam lekker uit met een leesbril? Ik niet. Deze Stijlgids voor vrouwen tussen de 40 en de 60+ is een gemiste kans, wat zeg ik, ik heb zelden zo’n libidoverlagend boek ingekeken. Ingekeken inderdaad, want gewoon bij het begin beginnen en uitlezen, dat is door die gristelijke schooljuftoon onmogelijk.
“Nooit vergeten: mannen zijn leuk”
“Sieraden benadrukken je persoonlijkheid en stijl”
“Er zijn vrouwen die make-up radicaal afwijzen. [..] Make-up zou aanstellerij zijn, pronkzucht, ijdelheid, vertoon. De puristes hebben misschien een schoon geweten, maar ze hebben ook ongelijk. [..] Moet(en) zij weten. Wij doen het anders. [..] Wij poederen onze wangen en neus en voorhoofd en hals tot iets zachts. We zijn mooi, en dat willen we weten.”

Ik begrijp het wel, ze preekt voor eigen parochie en dat is de mijne niet. De goedverdienende galeriebezoekster, verantwoorde-boekenlezeres (Heleen van Royen), de brave sexy-ondergoeddraagster (Marlies Dekker) en dan een verantwoorde blouse of pantalon uit je basisgarderobe aangeschoten, parelketting om en vooral geen opzichtige oorbellen, want dat staat ordinair na je 40ste, Joop Terheul! Het hoeft niet mooi te zijn, als het maar uit de Bijenkorf komt, want dat is de doelgroep volgens mij. Kijk maar naar het plaatje.

Als ik denk aan onze Franse buurvrouwen, zonder enige make-up, vrolijke krulhaartjes op de kin en ongelooflijk twinkelende ogen en een sprankelende geest, dan begrijp ik al helemaal niet wat Roodnat wil. (TIP: “Overweeg een minnaar, gun jezelf regelmatig een orgasme?”)
Ik ben dol op onze buurvrouwen en dat heeft alles te maken met de manier waarop ze in het leven staan. En dat je heel erg met ze kunt lachen, dat vooral ook.

Marlene

R. en ik hadden gisteren een cultureel avondje. Onze buurtboekhandel, de mijne dan, had Marlene van Niekerk overgehaald om voor te lezen uit eigen werk. Locatie: Het De Pintohuis.
Marlene is duidelijk gewend voor publiek te praten, ze doceert in Zuid-Afrika creatief schrijven en woont als Writer in Residence een paar maanden op uitnodiging van het Fonds voor de Letteren in Amsterdam, terwijl ze daarnaast gastcolleges geeft in Utrecht.

Ze las na een inleidend praatje voor uit Memorandum, een boek dat ze schreef naar aanleiding van het ziekenhuisverblijf en sterven van de bevriende schilder Adriaan van Zyl, die de schilderijen maakte voor de Zuidafrikaanse (‘n Verhaal Met Prente) en Engelse hardcoverversie. Of eigenlijk maakte hij het boek Met Prente en schreef zij het verbindende Verhaal.

We lieten ons voorlezen en werden ruw uit onze tevreden luistersluimer gerukt toen de mensen vragen mochten stellen.
– Wat vindt u van de Waarheidscommissie?
Gristusmeziele!
– Het gaat oor boekies!

Na afloop kregen we nog een glaasje aangeboden en kwekten we links en rechts met dorpsgenoten. Tenslotte verdwenen we met de schrijfster, de boekhandelaar, de journalist en de lezer in het buurtcaf?©, waar we tot sluitingstijd in dikke rookwalmen het Leven en de Kunst doornamen.
Zo. Dat was een mooie avond.

Annetje


Bolle met Annetje in houtskool op de achtergrond

Als beloning voor het stoppen met roken gaf ik mezelf in 1986 een Frans Bulletje (Bolle) cadeau. Dat kostte toen fl. 1500,–, een rib uit mijn lijf, maar helemaal niks, als je bedenkt wat ik allemaal op tabak bespaarde. Het was het jaar van Tsjernobyl en ik vond het tijd om eens na te denken over mijn toekomst. Eerst maar eens gezond gaan leven en een serieuze baan nemen, nam ik mezelf voor en dat deed ik ook. Toen Bolle een jaar was, wilde ik er een hondje bij en bij de bullenclub kon je en kun je nog steeds tweedehands honden krijgen. Dat heet herplaatsingen.

Zo’n hondenwereld zou tussen twee haakjes ook nog de moeite waard zijn om eens een weekendbijlage aan te wijden. De jaloezie, de kinnesinne, de achterklap en het fysieke geklef met die vieze beesten, echt, je gelooft het niet als je het niet met je eigen ogen zou horen en zien. Ga maar eens naar een tentoonstelling, dan maak je het zelf mee.

In ieder geval had ik een exemplaar op het oog, van dezelfde leeftijd als nummertje 1 en de fokkers wilden er een symbolisch bedrag voor hebben, dat was alles. Een symbolisch bedrag, mooi, ik stak een gulden bij me en ging met de trein in de richting Eindhoven, meen ik. Daar aangekomen bleek dat ze een heel andere symboliek voor ogen hadden. Dat arme Annetje was drie keer te dik, onzindelijk, en bovendien nog zwaar gehandicapt, maar dat bleek later pas. Voor honderd gulden mocht ik haar meenemen, zonder stamboom en het vriendelijk verzoek niet met haar te fokken.
– Niet mee wandelen, hoor, dat kan ze niet!, was het laatste advies.

Ik kreeg haar mee, toen ik beloofde die honderd gulden op te sturen, wat ik helemaal niet van plan was, want ik had het vervelende gevoel dat ik belazerd werd. Waarom kreeg ik die stamboom eigenlijk niet mee?
In de trein terug zat ik in zo’n coupeetje met zes of acht plaatsen en een schuifdeur. Daar verspreidde zich al snel een verschrikkelijke putlucht, die alleen maar afkomstig kon zijn van die arme Annetje. Ik deed net of ik niks rook, maar mijn medereizigers keken me vol afgrijzen aan en verlieten en masse de coup?¬¨¬©. Geef ze eens ongelijk.


Die lieve Annetje

De week daarop liet ik het beestje veterinair doorlichten en daar bleek dat er van alles aan mankeerde. Haar linkerachterpoot bungelde er bij, en er was geen spier te voelen. De r??ntgenfoto’s lieten een rotte ruggegraat zien, waar verder niks aan te doen was. Ja, de spieren versterken, zoals onze gymlerares mevrouw Metzelaar uit Den Haag ons jaren geleden voorhield:
– Dames, we moeten een spierkorset kweken!, ondertussen haar handen op en neer over haar taille bewegend.

Ik halveerde de portie voer en bouwde langzaam de lengte van de wandelingen op met als gevolg dat Annetje er na een poosje min of meer gewoon uitzag. Alleen die onverdragelijke winden, die flatulentie, dat gepuf van waaruit de pure rotting opsteeg, daar was geen kruid tegen gewassen. Altijd lucifers bij de hand hebben om de lucht een beetje te neutraliseren, maar als je het rook, was het eigenlijk al te laat. En zindelijk maken, dat ging op den duur min of meer, maar is eigenlijk nooit echt gelukt. Ze piste bij voorkeur op bed. Maar een zoet karaktertje, die Annetje, zoiets heb ik nooit meer meegemaakt.

De fokkers belde ik met de bevindingen van de dierenarts.
– Hou die honderd gulden dan maar!, riepen ze woedend en smeten de hoorn op de haak. Ja, duh!

Dagelijks leven in Frankrijk