In de helse hitte van de hittegolf reden we 50 km zuidelijker naar Saint Martial-le-Mont, net als vorig jaar, maar dan warmer.
We zetten onze auto’s op hetzelfde veld en ik sleepte S. meteen mee naar de brocante, voordat de zon op z’n heetst was. Die brandde al behoorlijk, terwijl er wel veel meer brocantists of hoe heet zoiets waren dan de vorige keer. Ik vond niets van mijn gading, ook al omdat ik er eigenlijk geen cent voor overheb. Nou ja, een heel klein beetje. 1 euro voor een weckpot zonder rubber vind ik te duur. Ik geef toe, ik ben zuinig.
Na 10 minuten moest ik de schaduw al opzoeken en daar ben ik blijven hangen tot midi, een beetje kletsen, de jongens dronken een pastis met ijswater, die monsieur MG vanuit een handige koeltas uitserveerde.
Na het gezamenlijke eten probeerde ik de eend te redden van de verbrandings- en verstikkingsdood, tijdens dewelke actie ik aan elk lichaamsonderdeel dat in aanraking kwam met de 2cv, zoveelstegraads brandwonden opliep. Tegelijkertijd zakte ik door de stoel – net de dag ervoor gerepareerd- , omdat de rubbers en het canvas het heel begrijpelijk opgaven bij een binnentemperatuur van >50¬¨?C. De motor startte heel uitzonderlijk pas na 6 keer, denkelijk toch ook door de hitte. Tobben, tobben, getob, tob.
Toen dan ook de clubleden om 16:00 een gezellig ritje gingen maken naar Aubusson, bedankte ik. Fijn, zittend op de bodem van een rijdende oven naar een nog veel hetere stad rijden, goed idee.
Vrolijk muziekje, waardoor ik nu “Willy Wincka! Willy Woncka!” in mijn hoofd heb
Ik verhoogde mijn zitplaats door de gereedschapskist met een opgevouwen doek onder de stoel te schuiven en reed naar huis. Gek genoeg hield S.’s stoel het wel. Daarvan was het canvas kennelijk iets minder gaar.

Tige renfort
Ik heb in de catalogus van Mehariclub gekeken hoeveel een nieuw setje (“sommier banquette & des tiges renforts“) me gaat kosten. Maar daar kun je geinige stoelbekleding krijgen! Eens denken of dat eenvoudig zelf te fabrieken is.

