
Witte fietsen in Perpignan
Omdat de veiligheidsbeambte in Eindhoven mijn beetje shampoo had afgepakt om redenen dat de verpakking volgens de securitynorm te groot was -mensen, waar bennen we mee bezig, het was een doorzichtige tube met nog shampoo voor 2 wasbeurten – kocht ik een minivariant van hetzelfde merk bij een apotheek.
– Spreekt u Frans, vroeg de vriendelijke man verbaasd. Ik legde uit dat ik dat op school had geleerd en bovendien heel vaak in Frankrijk kwam, omdat we een huis in de Creuse hadden.
– De Creuse, de Creuse, waar ligt dat eigenlijk, vroeg hij, een beetje vreemd, want ik als buitenstaander kan bijna elk departement localiseren, ook al dankzij departementenraden onderweg naar diezelfde Creuse.
– Dat is in de regio Limousin, begon ik, maar hij onderbrak me en zei:
– Wacht even, ligt dat niet bij de Corr?¬Æze in de buurt? Inderdaad, dat departement ligt aangrenzend ten zuiden van ons.
– Maar daar is het toch verschrikkelijk koud?
Wat? Ik moest verschrikkelijk lachen, zat ik zomaar in een scene van Ch’ti:
– Neen, dat is Nord! (C’est le Noooooord)
De vrouw van de bakker was ook Nederlands en die sprak ook Frans, vertelde hij vervolgens. Dat leek me wel zo praktisch, vond ik.
– Dat Frans, dat heeft de liefde haar geleerd, zei onze dichterlijke apotheek tenslotte. Eten of de liefde, er zijn gelukkig maar twee gespreksonderwerpen in dit land.

Daar is de zon ?®n de berg
En zo loop ik steeds met een tevreden gezicht door deze stad, waar ze tot mijn verrassing ook huurfietsen hebben, waar ik verder niets aan heb omdat alles op loopafstand is.
Later vandaag de rest van gisteren, nu ga ik voor het instituut jean Vigo folderen in het Palais de Congres.