Champignon

Carbolchampignon

Een paar dagen geleden zag ik op het fornuis van de buren, een reuzekoekenpan met paddestoelen lekker staan te wezen. Die verrukkelijke geuren!
РOh, die staan nu overal, zei Paulette desgevraagd. We hebben het over c?®pes en girolles, bij de Bataven beter bekend als eekhoorntjesbrood en cantharellen. Leuk bedacht, maar waar ze dan overal staan, mag Joost weten.
– Is het geheim?
– Neen, hoor.
Dat schiet op.

Test een carbolchampignon

Kwam ik toch gisteren een serieus ogende champignon hier direct om de hoek tegen de grange tegen. Plukken maar en naar Paul. Die was niet zeker. Bij twijfel niet oversteken, wat ik toch deed voor een second opinion van de twee dames, moeder en dochter.
РHij kan best lekker en eetbaar zijn, maar wij rapen alleen die we kennen, het bekende rijtje: Coulemelles (parasolzwam), c?®pes, girolles en ros?©s de pr?©s. Vergeet ik er nu een? Enfin.
Deze leek op een weidechampignon, maar zij zouden het niet doen.
– Je kunt naar de apotheek, zeiden ze.
– Die pakt ook de Reader’s Digest Veldgids voor de natuurliefhebber, zei ik.
– Peut-?‚Ñ¢tre, peut-?‚Ñ¢tre. Mijn ongein valt nooit in vruchtbare aarde.
Ik determineerde hem met behulp van genoemde gids en het blijkt de carbolchampignon te zijn, de agaricus xanthoderma aka de psalliote jaunissante, giftig, maar niet dodelijk. Handig, zo’n gids.

Een filmpje met herkenningsinstructies: