Manchet


De familie B. was aan het tuinieren, dus ik begroette ze en begon een praatje over de tuin. Alles stond er weer patent bij. (Wat een merkwaardige kleur heeft die Iris!) “Kropje sla?” vroegen ze. Dat sloeg ik niet af. Vanavond maakt Saar het eten: pizza en sla uit andermans tuin.

Op de markt stond de moeder van de slisser ook te verkopen. Die spleet tussen de voortanden is genetisch erg dominant. Omaatje, die er voor de gezelligheid bij stond, had hem ook. De baby die vorige zomer geboren is, hebben we nog niet gezien. Die moet nu zo’n beetje zijn/haar eerste tandjes hebben.


Op aanraden van Jean Pierre heb ik de fruitboompjes een anti-hert-manchetje gegeven. Een tuinslang doorsnijden en hop, klaar is kees.


Ze werken niet tegen vogels of slakken. Of muizen.

Chevrettes

Om 01:30 uur kwamen we aan in Puy. (Dat was een half uur later dan begroot dankzij het feit dat we Amsterdam gewoon niet uitkwamen, grr) Vlak bij huis zagen we 1 uil, en twee reetjes, die helemaal niet wegvluchtten, maar een beetje suf langs de weg trippelden.


Parijs was doodstil evenals de weg naar Toulouse. We zagen de luchten steeds mooier worden en vanochtend, toen we om 08:15 werden gewekt door onze vrolijke bakker, was de hemel ouderwets blauw.


Het gras van het voortuintje was gemaaid door Sylvie (denken we), die wist dat we met Pinksteren zouden komen, zo aardig en hartelijk.
Alles was enorm gegroeid, maar iemand had flink zitten schransen van onze plantjes op het terrain. Er waren een paar rode kolen gesneuveld, de uien en de OI-kers waren daarentegen goed opgekomen. Maar…waar zijn de meloenen gebleven? En de courgette? Saars worteltjes en bietjes: weg. En wie heeft de bast van de appelboom gegeten???
Die schattige reetjes van gisteren natuurlijk! Waar is mijn voorlader? Kill, Bess! We hangen een bord op: WIJ HOUDEN VAN HERTEBIEFSTUK! Met een Franse vertaling.


Niks aan te doen. De kersen zijn ook nog niet rijp. Aardbeien zijn groen. De gevonden Iris (zie mei) staat gelukkig nog steeds te bloeien en de Echinacea is al bijna 75 cm hoog. Dat heb ik nog niet eerder meegemaakt. (Er is trouwens ook een grote Vinca meegekomen.)

Saar en ik zijn maar naar de markt gegaan om eens flink in te slaan. Ik kon geen weerstand bieden aan 50 preitjes, die naast de kolen gezet gaan worden. Die zullen die nepherten toch niet opvreten?


Alle paden zijn nog steeds begaanbaar en de abri is is gewoon zonder blaren of schrammen te bereiken.


Nu even Roland Garros kijken. Live.

(Naschrift: ik zie dat Meteo hiernaast 13 graden zegt met grijze wolken. Dat is helemaal niet waar. 20 graden en blauwe lucht!)

Le R?®ve


Ik heb eindelijk de stoute schoenen aangetrokken: ik ga weer paardrijden. Ik heb, geloof ik, 25 of 30 jaar geleden voor het laatst serieus paardgereden. Wat de doorslag gaf, was een fragment uit de documentaire TV-serie Le r?®ve, die op woensdag bij de RVU wordt uitgezonden. De camera stond bij camping le Petit Paradis op een heuvel en beneden in het dal zagen we Ton, de campingeigenaar op zijn paard galopperen, hond ernaast.


Oei, dat deed pijn, dat verlangen.

De manege: “Dan zie ik u in ruiterkleding dinsdagavond? Tot dan, mevrouw de Korte.”
Ruiterkleding? Die heb ik helemaal niet. Help!
Yeva en ik googleden een tweedehands ruiterspullenwinkel op in de rivierenbuurt en dat was wel zo’n curieuze tent, dat we weer voor jaren genoeg stof hebben om onze omgeving van vette verhalen te voorzien.

Ingang door de tattooshop, de trap af en struikel niet over de honden. Terwijl ik de ene cap na de andere pastte, hoorden we het gezoem van de tatoeagenaald. Hele sympathieke mensen, echt waar en ze zouden ‘s avonds naar de Toppers in de Arena, vertelden ze. Gezellig!
We scoorden een cap en een rijbroek, voor niet te veel geld.


Zaterdag bracht ik Yeva naar Waveren. Die paarden zijn veel groter dan ik me herinner. Ik bleef even naar de les kijken en hoorde de bekende termen als hele en halve voltes, van hand veranderen, hulp, aansingelen, uitstappen, longeren, chabraque (sjabrak), chaps (tjeps). Dat vind ik dan weer minder.


Vanuit Waveren ging ik naar de volkstuin. Ik kon nog net even een plaatje van de pergòla maken, voordat de batterijen van de camera er mee ophielden. Wat krijgen we nou?

Koolmeesjes


In de volkstuin zetten de jonge meesjes een keel op vanuit hun hokje, zodra ze een van hun ouders hoorden. Dat arme vadertje en moedertje waren non-stop bezig. Heel wat anders dan die slechtvalkjes, die eens in de zoveel tijd een dood beest de kinderkamer ingooien. Kwintie ging onmiddellijk op onderzoek uit, want hij begreep niet waar dat geluid vandaan kwam. Zo dom is hij anders nooit. Hij ziet er wel dom uit op deze foto (Zit! Zit! Blijf! Zit! Niet aan de camera likken!):


Ik heb vandaag gesnoeid en gehakt en geveegd. Een lustoord, die tuin.


Ik moet de boel alleen een beetje begaanbaar houden.

Dagelijks leven in Frankrijk