
Uitzicht vanuit de ziekenkamer
Mijn vriendin Lucienne, die daar als een uit het nest gevallen vogeltje aan haar avondeten zat, ga ik hier niet laten zien. Er zijn grenzen.
Van buurman Paul hoorde ik dat ze geopereerd moest worden, zelf had ze niets gezegd. Hij had het weer van z’n werkster, die ook bij Lucienne werkt. Ik belde haar onmiddellijk. Neen, ze had geen idee hoe lang dat allemaal ging duren, had ze niet gevraagd, wilde ze allemaal niet weten.
Toen ik woensdag na de operatie haar dochter wilde bellen, realiseerde ik me dat ik niet wist waar die woonde en nog lastiger, ik had geen idee hoe haar man heette, een basisvoorwaarde als je iemand in het telefoonboek wilt vinden. Het ziekenhuis weigerde mij logischerwijs iets vertellen, behalve dat ze sliep.

Het ziekenhuis is tegen een rots aan gebouwd
De ouders en grootmoeder van JP, waar ik langsging om ze nog meer tomatenplanten in de maag te splitsen konden er niet opkomen, maar Paul, die daar ook last van had, herinnerde dat de broer van de man van de dochter van Lucienne een aannemersbedrijfje in St. S. had. Hij liep met een vergrootglas het oude trouwe papieren telefoonboek af, tot hij hem warempel vond. Zo ging het zoeken nog een tijdje door, want die broer was er natuurlijk niet, maar tenslotte had ik via nog meer zijsporen en dwarsstraten de kleinzoon te pakken, h?¬Æ,h?¬Æ, nou moe. Bezoekuren waren waren van 4 – 6.

Alleen het ziekenhuis is nieuwbouw
Ik reed gisteren per ongeluk regelrecht naar het ziekenhuis van Gu?¬©ret en vond Lucienne binnen 2 minuten na aankomst. Waarom ik denk dat zo’n buitenlands ziekenhuis veel moeilijker zou zijn dan een Nederlands, geen idee, want het omgekeerde was het geval.
Ze zat daar achter een bordje pasta met vis en een schaaltje met 7 verschillende pilletjes, in alle soorten en maten, zoals ze zelf zei. Ze prikte een beetje lusteloos in een stukje vis, zei dat ze geen honger had, maar dat “je wel moet” (il faut bien). Een zustertje kwam langs, nam bloed af, gaf haar insuline en ze onderging het allemaal gelaten, zittend op haar bedje. Wanneer ze weer naar huis mocht, dat wist ze niet. Maar als ze thuis was, zouden we er eentje nemen, spraken we af. Daar moest ze gelukkig weer om lachen.
Terug reed ik niet over de grote weg, maar door het gebied van het gehucht Les Roches, waar het landschap al bergachtig begint te worden. Daar zo in de vroege avond met die brave 2cv doorheen tuffen, dat is toch een van de heerlijkste dingen in dit land. Ach, wat was het mooi.
Thuis zat de familie aan de pasta met zalm.












