Die nieuwe fiets moest nu eens echt in gebruik worden genomen. Ik ging brood kopen in Dun, een kippeneindje en daarbij nog eens een mooi tochtje, als je binnendoor gaat.

Dankzij de 21 versnellingen(?) bleken de heuvels van de Creuse voor zo’n suffe partyfietser als ik makkelijk te doen. Heerlijk, heerlijk. Dat de remmen het deden, maakte de afdalingen ook weer een stuk eenvoudiger dan op de fiets in de zomer.
Het ging zo snel dat de bakker nog dicht was. Ik kocht uiteindelijk naast twee van die heerlijk Festivalbroden een driekoningentaart inclusief kroon.

Terwijl ik lekker aan het crossen was, hing Siebe de gordijnen tegen de kou op met boomstammetjes en de messing ringen die ik bij onze Amsterdamse loodgietende buurman had gekocht.

De kinderen hielden zich in de tussentijd bezig met het verfijnen van hun zelfgemaakte spel, iets met dobbelstenen, honden en paarden. Bij gebrek aan computer en TV worden ze kennelijk geprikkeld om zelf iets te verzinnen. Ze zijn er al dagen mee bezig.

Dat zouden moeten we proberen vol te houden als we weer terug zijn, maar dat is bijna onmogelijk. Het beeldscherm roept en wenkt.





